Zoek op de website

Familie

De zoektocht naar uw familiegeschiedenis zal waarschijnlijk beginnen op internet, waar een enorme schat aan informatie te vinden is.

Maar hoe vindt u daarin uw weg, wat kunt u precies met die gegevens doen en hoe gaat u vervolgens verder met uw onderzoek?

Graag helpen we u op weg om het onderzoek naar uw ‘Groninger roots’ op een gestructureerde wijze op te zetten.

Vlagtwedde : Vogelzang : woning van Albert Kruizinga [818-16321] Vlagtwedde : Vogelzang : woning van Albert Kruizinga [818-16321]

Wat u moet weten

Bij genealogie vormt het jaar 1811 een belangrijke scheidslijn. In dat jaar werd de burgerlijke stand ingevoerd en kwam de registratie van de bevolking in handen van de overheid. Later kwam daar ook nog het bevolkingsregister bij.

In 1811 werd bovendien het gebruik van familienamen verplicht gesteld; in oudere documenten staan deze nieuwe achternamen dus niet vermeld. De belangrijkste bronnen voor de periode vóór 1811 zijn de doop-, trouw- en begraafboeken.

Voor u begint

Verzamel bij uw familie alvast zoveel mogelijk schriftelijke en mondelinge informatie over uw voorouders. Houd er daarbij rekening mee dat met name de mondeling overgedragen gegevens ‘gekleurd’ kunnen zijn. De verzamelde informatie kunt u later aan de hand van de officiële bronnen controleren op hun juistheid.

Door uit te zoeken of er al iets is gepubliceerd over uw familie, kunt u zichzelf een hoop werk besparen. Zo bewaren wij in onze bibliotheek een uitgebreide collectie genealogische publicaties.

In onze studiezaal vindt u de meeste reeds gepubliceerde genealogieën die betrekking hebben op Groningse families en een aantal landelijke en regionale tijdschriften op het gebied van familieonderzoek.

Het kan voorkomen dat iemand elders in het land bezig is met familieonderzoek naar (een deel van) de door u gezochte stamboom. Internet biedt veelal ook op dit vlak uitkomst, én de mogelijkheid om contact te leggen met andere genealogen.

Bepaal van te voren zo concreet mogelijk wat u wilt uitzoeken, zo voorkomt u dat uw onderzoek te veel uitdijt. Er bestaan verschillende vormen van familieonderzoek; op internet kunt u daar veel informatie over vinden. In grote lijnen wordt familieonderzoek verdeeld in vier typen:

  1. Kwartierstaat
    Een overzicht van alle directe voorouders in zowel de mannelijke als de vrouwelijke lijn, van heden naar verleden. Per generatie verdubbelt het aantal personen, waardoor als het ware een waaiervorm ontstaat.
  2. Stamreeks
    Een stamreeks volgt één bepaalde lijn uit een kwartierstaat: ofwel alleen de voorouders in de mannelijke lijn (patrilineair) of in de vrouwelijke lijn (matrilineair), van heden naar verleden.
  3. Genealogie
    Dit is een overzicht van alle nakomelingen in mannelijke lijn, van verleden naar heden. Bij deze opstelling wordt uitgegaan van de oudst bekende voorvader in mannelijke lijn (generatie I), die stamvader wordt genoemd.
  4. Parenteel
    Overzicht van alle nakomelingen in zowel mannelijke als vrouwelijke lijn, van verleden naar heden. Er wordt uitgegaan van één stamouderpaar of alleen een stamvader of stammoeder (generatie I) met hun kinderen (generatie II) en al hun verdere afstammelingen.

Bedenk hoe u uw onderzoeksgegevens wilt vastleggen. U kunt de informatie natuurlijk op papier bijhouden, maar er bestaan ook computerprogramma’s voor het verwerken van genealogische gegevens. Door u al in een vroeg stadium te oriënteren op de diverse computerprogramma’s, kunt u wellicht later in uw onderzoek een stuk efficiënter te werk gaan.

Advies en informatie over de verschillende programmatypen vindt u o.a. in de folder ‘Genealogie en computer, de keuze van een programma’ van het Centraal Bureau voor Genealogie in Den Haag.

Ook bestaan er verenigingen die zich toeleggen op het gebruik van computertoepassingen in de genealogie.
Gebruikers van een aantal genealogische computerprogramma’s hebben zich verenigd in zogenaamde gebruikersgroepen of houden contact met elkaar in ‘mailinglists’.

Op www.cbg.nl vindt u een overzicht met links naar de websites van de belangrijkste computerprogramma’s, hun gebruikers en een aantal verenigingen op dit terrein.

Gepubliceerde genealogieën

De publicaties staan in de studiezaal in de kasten 49 t/m 52. Handige hulp-
middelen hierbij zijn:

  • Genealogische bibliografie van de provincie Groningen - W.G. Doornbos, Groningen, 1995
  • Index op familienamen in Genealogieën in het Rijksarchief Groningen -G.W. Braam, Groningen, 1993.

Beide bronnen zijn geordend op familienaam, met verwijzingen naar zowel zelfstandige genealogische uitgaven als artikelen in tijdschriften.

  • Genealogisch Repertorium - E.A. van Beresteyn, Den Haag, 1972 (2 delen met supplementen).

Een overzicht van genealogieën die aanwezig zijn bij het Centraal Bureau voor Genealogie.
Bovenstaande bronnen zijn te vinden in kast 52 (planken 4, 5). Andere nadere toegangen en bronbewerkingen in de studiezaal zijn:

  • Boerderijenboeken
    overzichten van boerderijen in een bepaald gebied, met gegevens over de geschiedenis van elk boerenbedrijf en de bewoners. Niet alle delen van de provincie zijn beschreven. Deze boeken staan bij de studiezaalbalie.
  • Lijst van indexen
    (kast 13, plank 1): nadere toegangen, vooral naamindexen op tal van bronnen in de stad en de provincie Groningen (in de kasten 13 en 14).

Aan de slag

Het "echte" werk, het opzetten van het genealogisch raamwerk, begint met het bijelkaar zoeken van gegevens uit de akten van de burgerlijke stand, de belangrijkste bron voor familieonderzoek na 1811.

Dit kunt u grotendeels thuis doen, omdat een groeiend aantal Groninger gegevens via het internet is te raadplegen via http://allegroningers.nl en er ook hard gewerkt wordt aan de digitale beschikbaarheid van de akten zelf.

U hoeft dus steeds minder vaak een beroep te doen op de originele akten of kopieën daarvan, zoals deze worden bewaard bij de betreffende gemeenten en bij de Groninger Archieven.

Een andere belangrijke bron voor familieonderzoek over de periode 1850-1920 is het bevolkingsregister. De originele registraties bevinden zich bij de verschillende gemeenten. Bij de Groninger Archieven is van de Groninger gemeenten het merendeel van de registers op microfiche te bekijken.

Vóór 1811 zijn gegevens over doop, (onder)trouw en overlijden te vinden in de zogenaamde doop-, trouw en begraafboeken (DTB) afkomstig uit de archieven van de verschillende kerkgemeenschappen (kerspels). Hoe verder u terug gaat in de tijd, hoe lastiger het onderzoek zal worden door de hiaten in het bronmateriaal, de slechte leesbaarheid van stukken en de grote variatie in schrijfwijzen van voor- en familienamen. Voor de provincie Groningen is ook van de DTB-boeken een groeiend aantal gegevens en afbeeldingen te vinden op http://allegroningers.nl

Verder zoeken op internet

Mogelijk vindt u niet alles wat u zoekt in de database van http://allegroningers.nl. U kunt dan verder zoeken in de landelijke database met informatie uit akten van de burgerlijke stand, www.genlias.nl. Daarnaast stellen veel archiefdiensten, genealogische verenigingen en particuliere genealogen hun gegevens via internet beschikbaar.

Zo kunt u direct op een familienaam zoeken op de homepage van het Centraal Bureau voor Genealogie, kortweg CBG, in Den Haag. Treffers verwijzen naar verschillende archiefbronnen die daar aanwezig zijn. Dit kan een bidprentje, familieadvertentie of dossier zijn, maar ook een verwijzing naar een publicatie of een lopend onderzoek met vermelding van contactinformatie van de betreffende onderzoeker.

De Nederlands Genealogische Vereniging met al haar regionale afdelingen is de grootste genealogische vereniging die via haar website familiegegevens en allerlei praktische informatie toont.

De burgerlijke stand, het bevolkingsregister en de DTB-boeken zijn opgemaakt om de bevolkingsgegevens te registreren. Dit geldt niet voor de bronnen die u in dit stadium van uw onderzoek zult raadplegen. Die zijn opgemaakt met een ander doel en daardoor minder toegankelijk: ze geven geen overzicht van de hele bevolking en ze zijn niet op naam doorzoekbaar.

Bekijk daarom per bron hoe deze is opgezet, voor welk gebied of welke groep mensen en of de naam die u zoekt er in voor kan komen. U weet vooraf meestal niet of u iets vindt. U zult bovendien merken dat de schrijfwijze en het gebruik van namen veranderen naarmate u dieper in het verleden duikt.

Vóór 1811 zijn er geen officiële familienamen; er worden zowel patroniemen (afleidingen van de voornaam van de vader) als hier en daar een ‘echte’ achternaam gebruikt. Registers en stukken zult u dus vaak bladzijde voor bladzijde moeten doorkijken. Noteer daarbij steeds alle voorkomende naamvarianten.

Verder in de Groninger Archieven

Na het raadplegen van de genealogische archieven ontbreken er mogelijk nog gegevens of u wilt de gevonden informatie controleren. De volgende stap is dan ook de zoektocht naar andere bronnen.

Bekijk welke mogelijkheden er zijn om verder te zoeken op basis van uw vondsten. Zijn er akten van koop en verkoop genoemd, zijn daar data of jaartallen bij bekend of te herleiden, is de familie vaak verhuisd en zo ja, kan dat samenhangen met verandering in onroerend goed-bezit. Of andersom: leidt een huwelijk of overlijden tot verhuizing en koop of verkoop van onroerend goed?

Voor een klein deel van de stukken kunt u op persoon zoeken en de stukken thuis via onze website bekijken. Voor de meeste ‘nadere toegangen’ zult u echter een bezoekje moeten brengen aan onze studiezaal. De nadere toegangen zijn specifiek voor een bepaalde instelling gemaakt en dus toegespitst op het eigen werkgebied, zoals een kanton of arrondissement.

In de Lijst van dorpen en gehuchten in onze studiezaal kunt u zien tot welk gebied de door u gezochte locatie in het verleden behoorde. Nadere toegangen kunnen voorkomen als bijlage in de inventaris, los in de studiezaal of als onderdeel van het archief. In dat laatste geval staan ze vaak opgenomen achter de stukken waar ze bij horen.

Bronnen die vooral familierelaties en bezit betreffen zijn:

  • Successiememories
    Vanaf 1806 werden successiememories gemaakt in verband met de toen ingevoerde belasting op nalatenschappen. Ze zijn aanwezig tot ca. 1927. In de successiememories
    vindt u een overzicht van geld en goederen van een overledene en een opgave van de erfgenamen. Als iemand geen of weinig bezit naliet, werd zo’n memorie niet gemaakt.
  • Notariële akten
    Notarissen zijn in de provincie Groningen werkzaam sinds 1811. Deze archieven bevatten akten van koop en verkoop, van huwelijksvoorwaarden, testamenten en boedelscheidingen.
  • Verzegelingen
    Verzegelingen werden opgemaakt door de plaatselijke gerechten, die voor 1811 onder andere het werk van de latere notarissen deden.
  • Boedelinventarissen
    Deze stukken beschrijven de nalatenschap in onroerende en roerende goederen maar ook in baten en lasten van een persoon. Ze werden vooral opgemaakt om belangen van wezen en halfwezen te beschermen. Daarnaast werden boedelinventarissen gemaakt bij faillissementen of bij twijfel over het batig saldo van de nalatenschap.

Vervolgonderzoek

Mogelijk bent u tijdens uw onderzoek op enkele interessante aspecten van uw familiehistorie gestuit die u verder wilt uitdiepen. Het vervolgonderzoek kan op allerlei manieren worden aangepakt. Hieronder enkele voorbeelden.

Geen of weinig bezit
Diaconie (kerken)
Armenzorg (burgerlijke gemeenten)
Weeshuizen, armenhuizen (stad)
Gedwongen verkopen
Faillissementen
Rechtszaken en gevangenisstraf
Oud-rechterlijke archieven en de Hoge Justitie Kamer
Gerechten en rechtbanken na 1811
Gevangenissen
Beroep
Speciale registraties en literatuur (zoal bij dominees en schoolmeesters)
Boedelinventarissen
Boeren
Varenden
Militairen
Voogdij over (half)wezen
Aanstelling van voogden
Boedelinventarissen
Administratie van boedels
Beëindiging van voogdij met afrekening (afkoop) bij meerderjarigheid
Weeshuizen en diaconie

De verdere aankleding

Als u uw genealogische gegevens compleet hebt, kunt u het onderzoek verder aankleden met bijvoorbeeld oud beeldmateriaal of met een beschrijving van de historische achtergrond. Hiervoor kunt u op allerlei plaatsen terecht: in literatuur over de geschiedenis van onze provincie, bij uw eigen familie, in de collectie van de Groninger Archieven (zie ook hoofdstuk 1) en bij gemeenten in de provincie.

Via www.groningerarchiefnet.nl is het mogelijk de gemeentelijke archieven te doorzoeken. De stukken zelf zijn niet online te bekijken, met uitzondering van de openbare akten van de burgerlijke stand en de bevolkingsregisters van de gemeente Appingedam. Alleen de akten van de burgerlijke stand zijn in tweevoud opgemaakt, en zowel aanwezig bij de betreffende gemeente als bij de Groninger Archieven. Verder vullen de collecties elkaar aan; u vindt dus bij de gemeenten andere stukken en andere informatie dan bij de Groninger Archieven. Gemeenten in onze provincie bestaan pas sinds 1811 en hun archieven bevatten dus nauwelijks stukken van voor dat jaar. Alleen Appingedam heeft een ouder stadsarchief.

Onderzoek bij de gemeentearchieven is slechts mogelijk op afspraak. Hiervoor kunt u contact opnemen met de beheerder van het archief in de desbetreffende gemeente. De benodigde namen, adressen en telefoonnummers vindt u eveneens op
www.groningerarchiefnet.nl

Wezen en halfwezen

Er waren vroeger veel minderjarige (half)wezen en er waren dan ook uitgebreide voorschriften voor de bescherming van hun erfenis. Als u wezen of halfwezen in uw voorgeslacht tegenkomt, kunt u naast boedelinventarissen nog veel meer stukken vinden, zoals aanstellingen van voogden, administratie van boedels en beëindiging van de voogdij met afrekening (afkoop) bij meerderjarigheid.