Zoek op de website

Panden

Oude huizen en gebouwen ademen vaak nog de sfeer van vroeger. Ze prikkelen de nieuwsgierigheid naar de bouwhistorie en de vroegere bewoners.

Vooral de laatste jaren zijn veel mensen op zoek naar de geschiedenis van hun eigen woonhuis.

Het is niet alleen leuk om te weten wie de vroegere eigenaren/ bewoners van een huis zijn geweest, in het geval van een verbouwing of restauratie is het belangrijk om de bouwgeschiedenis van een huis te kennen.

Groningen : Jozef Israëlsplein Fotograaf: P.B. Kramer,  [1785-1186] Groningen : Jozef Israëlsplein Fotograaf: P.B. Kramer, [1785-1186]

Wat u moet weten

Het is goed mogelijk dat het pand dat u wilt onderzoeken vroeger in een andere gemeente heeft gestaan. In de loop der jaren zijn veel gemeenten verdwenen door herindelingen.

Om te kunnen bepalen uit welke voormalige gemeenten een gemeente is samengesteld, staat er een overzicht op de website www.groningerarchiefnet.nl (>deelnemers >voormalige gemeenten).

Herindeling gemeente Groningen

Het grondgebied van de gemeente Groningen is enige malen gewijzigd. Zo werd Kostverloren (oorspronkelijk gemeente Hoogkerk) in 1912 aan de gemeente Groningen toegevoegd, gevolgd door Helpman in 1915 (voorheen gemeente Haren) en werd de gemeente Groningen op 1 januari 1969 uitgebreid met de gemeenten Hoogkerk en Noorddijk en delen van de gemeenten Adorp, Bedum en Haren.

Alle bouwvergunningen van panden in Helpman, ook die zijn afgegeven vóór 1915, zijn overgedragen aan de gemeente Groningen en maken nu deel uit van de collectie van de Groninger Archieven. Daarentegen liggen de vergunningen van panden in het aan Groningen toegevoegde deel van de gemeente Bedum en dateren uit de periode vóór de grenswijziging van 1 januari 1969, gewoon bij de gemeente Bedum. De stukken van na die datum zijn opgenomen in de serie vergunningen in het secretariearchief van de gemeente Groningen, 1965-1987.

Omdat de gemeenten Noorddijk en Hoogkerk in z’n geheel zijn opgegaan in de gemeente Groningen zijn alle bouwvergunningen van deze gemeenten overgedragen aan Groningen. De bouwvergunningen van de gemeente Hoogkerk liggen deels bij de Groninger Archieven en deels bij de dienst Ruimtelijke Ordening/ Economische Zaken (RO/EZ). De vergunningen van de voormalige gemeente Noorddijk zijn allemaal naar de dienst RO/EZ overgebracht.

Straatnamen en huisnummers

Het identificeren van een gebouw is soms lastig. Pas met de invoering van het kadaster in 1832 kwam er een algemene en uniforme aanduiding van locaties, die een exacte identificatie van percelen grond en panden door de tijd mogelijk maakte.

De huidige adressering van straatnaam en huisnummering is pas in de loop van de 20e eeuw ingevoerd. De stad Groningen ging al rond de eeuwwisseling over op het huidige adressysteem, terwijl sommige dorpen in de provincie pas in de jaren zeventig van de vorige eeuw overstag gingen. In het oude nummeringssysteem bepaalde de wandelroute in een wijk of dorp vaak de volgorde in de huisnummering.

De adressering bestond uit een letter en een cijfer, waarbij de letter correspondeerde met een bepaald dorp binnen een gemeente of met een wijk in de stad Groningen. De huizen binnen zo’n wijk- of dorpaanduiding werden doorlopend genummerd.

Ook veel straatnamen zijn in de loop der tijd gewijzigd. In onze bibliotheek vindt u een aantal publicaties over dit onderwerp. Wees er ook op bedacht dat straatnamen ten tijde van de bouwaanvraag soms nog niet waren vastgesteld.

Wijknummers in de stad Groningen

In 1822 werd in de stad Groningen wijknummering ingevoerd. De 25 wijken in de stad kregen elk een eigen letter, en de huizen in die wijken kregen doorlopende volgnummers. Die nummering diende ook als basis voor de bevolkingsregistratie, maar komt helaas niet overeen met de kadasternummering.

Omdat soms een deel van een wijk werd vernummerd of de nummering werd aangepast, kan het voorkomen dat een huis op verschillende tijdstippen verschillende nummers had. Om te kunnen bepalen wat het nieuwe nummer van een pand is geworden kan gebruik gemaakt worden van registers van omnummering uit de verschillende toegangen op het archief van het gemeentebestuur van Groningen over de periode 1816-1965.

Ze kunnen ook gebruikt worden om vanuit het huidige adres terug te zoeken naar bouwvergunningen uit de 19e eeuw, die soms op het oude adres in de verschillende toegangen staan. Een omnummering op adres in de jaren 1806–1822 vindt u in de collectie Kuiken in onze studiezaal (toegang 1700, inv.nr. 23). In dezelfde collectie bevindt zich een moderne tekstbewerking van een belangrijk omnummerboek uit 1901 (toegang 1399, inv. nr. 7091) dat de overgang markeert van een systeem van adressering met behulp van wijknummers en -letters (19e eeuw) naar een van straatnamen en -nummers (toegang 1700, inv. nr. 25)

Monumenten

Bent u op zoek naar informatie over een gemeentelijk- of rijksmonument, dan is hierover vaak wel een dossier te vinden bij de betreffende gemeente. Speciaal voor gegevens van rijksmonumenten doet u er goed aan eerst contact op te nemen met de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed, waarin de Rijksdienst voor de Monumentenzorg te Zeist is ondergebracht (www.cultureelerfgoed.nl).

Gegevens uit bouwhistorisch onderzoek naar belangrijke panden (monumenten) in de stad Groningen of panden op locaties die vanuit historisch oogpunt interessant zijn (zoals de binnenstad), zijn verkrijgbaar bij de afdeling Monumenten van de dienst RO/EZ van de gemeente Groningen en via internet op de zogenaamde 'Cultuur Waarden Kaart'. Hierop is informatie te vinden over historische objecten in de gemeente Groningen, van algemene structuren tot informatie over één specifiek gebouw. er zijn historische kaarten uit verschillende periodes, evenals bodem- en hoogtekaarten die over elkaar heen gelegd kunnen worden.

Bouwvergunningen

Bouwdossiers behoren tot de belangrijkste bronnen voor pandonderzoek. In 1901 werd de Woningwet ingevoerd en vanaf toen moesten gemeenten een bouwverordening opstellen met eisen voor reeds gebouwde en te bouwen woningen. Ook moest vanaf dat moment iedereen bij de gemeente een vergunning aanvragen voor het bouwen of verbouwen van een woning of ander gebouw.

Hoewel de eerste dossiers, zoals die in de verschillende gemeentehuizen liggen, niet allemaal even oud zijn, dateren veel daarvan wel van rond 1901. In enkele gevallen zijn gemeenten al iets eerder begonnen met het verlenen van bouwvergunningen en zijn vergunningen uit het einde van de 19e eeuw bewaard gebleven. De aanvraag voor een bouwvergunning werd in de loop van de tijd steeds vaker voorzien van een (technische) tekening en een plattegrond, soms in blauwdruk.

De bouwtekeningen en/of (schetsmatige) plattegronden geven informatie over het uiterlijk van het gebouw en over de indeling. Als er meerdere verbouwingen hebben plaatsgevonden, kunt u zien hoe het gebouw in de loop van de tijd is veranderd. De moderne bouwdossiers zijn in de meeste gevallen digitaal op te zoeken bij gemeenten. Zo kunt u zoeken op naam van de aanvrager, adres, kadastraal perceelnummer, bouwjaar etc.

Veel van de oude dossiers zijn chronologisch op jaar van aanvraag gearchiveerd. In enkele gevallen zijn de oude dossiers ook nog te doorzoeken op adres (zoals de woningcartotheek van de gemeente Delfzijl) of op naam van de aanvrager. De mate van toegankelijkheid varieert per gemeente. Hoe de situatie is in de gemeente waar uw onderzoeksobject staat, kunt u bekijken via www.groningerarchiefnet.nl

Voor u begint

Het is gebruikelijk bij onderzoek naar panden een aantal aspecten te onderscheiden: eigendom, bewoning, het gebouw en de eventuele functie. In de praktijk zult u merken dat de onderwerpen ‘eigendom’ en ‘bewoners’ vaak niet los van elkaar gezien kunnen worden, en gecombineerd moeten worden om een goede historische reconstructie te kunnen maken.

Lacunes uit de ene soort bron kunt u zo aanvullen met gegevens uit een andere bron, om zo de weg terug in de tijd te kunnen vervolgen. Dit geldt met name voor het bronmateriaal van vóór 1811 waarin regelmatig informatie ontbreekt.

1. Het gebouw

De beste bron voor de geschiedenis van een pand is uiteraard het gebouw zelf. Als het pand nog bestaat, geven bijvoorbeeld de ligging, bouwstijl en sporen van verbouwing een idee van de ouderdom en ontwikkeling. Via het Kadaster kunt u in elk geval nagaan of de locatie in 1832 al was bebouwd en wat de functie van het gebouw was. Oude kaarten en foto’s geven een beeld van ligging en uiterlijk.

Ook bouwtekeningen kunnen veel informatie opleveren. Gegevens over bouw, ver- en herbouw zijn eigenlijk pas vanaf het eind van de 19e eeuw geregistreerd. Het kernmateriaal wordt hierbij gevormd door de stukken met betrekking tot de verlening van bouwvergunningen. In de stad Groningen zijn bouwdossiers bewaard gebleven vanaf omstreeks 1870.

Oudere bouwaanvragen zijn nog wel te vinden, maar deze bevatten geen technische gegevens over het bouwwerk. Dit komt doordat er pas rond 1884 voor het eerst tekeningen moesten worden overlegd bij een bouwaanvraag.

2. De eigendom

De belangrijkste bronnen voor onderzoek naar het eigendom van panden (en land) gaan over de eigendomsoverdracht en veranderingen daarin (vóór 1811 waren dit de oud-rechterlijke archieven; na 1811 de notariële akten) of geven een toestand op een bepaald moment weer (registratie ten behoeve van belastingheffing).

Om veranderingen in eigendom vast te stellen kunnen ook persoonsgegevens van bewoners en eigenaren, én de genealogische relaties tussen hen van belang zijn. Zo kan een huwelijk of een overlijden aanleiding zijn voor overdracht van onroerend goed (bijvoorbeeld door de verkoop of vererving via een testament).

Bovendien kunnen relaties tussen eigenaren het mogelijk maken een pand met meer zekerheid te identificeren. Informatie over eigendom vindt u in eerste instantie in het Kadaster, maar ook in koopakten, testamenten, veilingen (notariële archieven en advertenties in kranten) of memories van successie.

3. De bewoners

Bent u er in geslaagd een lijst van eigenaren van een pand samen te stellen, dan wil dat nog niet zeggen dat u daarmee ook de bewoners gevonden hebt. In het verleden werden huizen veel vaker dan nu (deels) verhuurd, vooral in de stad Groningen.

Huurcontracten werden echter bijna nooit geregistreerd. Veel informatie over de bewoners (huurders dan wel eigenaren) over de periode 1830-1938 vindt u in de gemeentelijke bevolkingsregisters en het daaropvolgende systeem van gezinskaarten.

Daarin worden per geregistreerde periode van 10 of 20 jaar alle leden van een gezin genoemd en de inwonende huisgenoten zoals knechten en dienstboden. Zoeken in de bevolkingsregisters is vrijwel alleen mogelijk op naam van een bewoner.

De originele registers bevinden zich bij de desbetreffende gemeente (die van Groningen, Hoogkerk en Noorddijk zijn bij de Groninger Archieven ondergebracht). In de studiezaal van de Groninger Archieven staan de meeste registers tot ca. 1900 op microfiches. Het bevolkingsregister wordt opgevolgd door het systeem van gezinskaarten.

De gezinskaarten zijn alleen te bekijken bij de desbetreffende gemeente. De indeling is niet langer op adres, maar op naam van het gezinshoofd.

4. De functie

Informatie over een voormalig bedrijfspand is te vinden in bouw- en hinderwetdossiers, het handelsregister in het archief van de Kamer van Koophandel, het faillissementsregister in het archief van de arrondissementsrechtbank en natuurlijk het archief van het bedrijf zelf.

Omdat bedrijven geen verplichting kennen tot overbrenging van hun archief naar een openbare archiefbewaarplaats, is het aantal archieven dat zich bij de Groninger Archieven bevindt beperkt. Boerderijen vormen een aparte groep van bedrijfsgebouwen.

Aan de slag

Waar u met uw onderzoek moet beginnen hangt af van de vraagstelling en van wat u al weet. Op voorhand is het dus moeilijk aan te geven welke weg u moet bewandelen. Om u toch een beetje op weg te helpen hebben wij een stappenplan in algemene zin opgesteld.

  1. Verzamel vooraf zoveel mogelijk informatie die u via de makelaar, verkoper (koopakte) of verhuurder hebt verkregen, zoals het (huidige) kadastrale nummer van het perceel. Bekijk ook het huis zelf. Is er verbouwd, past het in de stijl en aanleg van de omgeving?
  2. Mogelijk zijn er al gegevens over uw huis, wijk, dorp of stad gepubliceerd. Er zijn in openbare bibliotheken vaak dorpsgeschiedenissen, fotoboeken en boeken over wijken in de stad Groningen te vinden. Wat dat laatste betreft zijn vooral de wijkbeschrijvingen van Beno Hofman aan te bevelen. Daarnaast valt te denken aan boeken over architecten, architectuur of monumenten in Groningen, die u kunnen helpen om bijvoorbeeld op basis van stijlkenmerken de ouderdom van het pand te bepalen.
    Als u onderzoek wilt gaan doen naar een (voormalig) huurhuis kunt u navraag doen bij de desbetreffende woningbouwvereniging.
  3. Als u onderzoek doet naar een pand dat dateert van vóór 1832, het beginjaar van het Kadaster, dan kunt u proberen dit pand op te zoeken in de oudste kadastrale gegevens: de Minuutplans (kaarten) en de bijbehorende perceelgegevens in de Oorspronkelijk Aanwijzende Tafels (registers). Deze vindt u onder meer op www.watwaswaar.nl en www.hisgis.nl
    Dateert het pand van na 1832, probeer dan de bijbehorende kadastrale aanduiding (gemeente, sectie en perceelnummer) te achterhalen. Veranderingen in de eigendomssituatie
    zijn opgemaakt in de kadastrale leggers, die in onze studiezaal te raadplegen zijn met behulp van de zogenaamde 'digilegger'.
  4. Een kadastraal nummer geldt als een belangrijk gegeven. U kunt daarvoor terecht bij uw eigen gemeente die via het ‘kadaster-on-line-systeem’ rechtstreeks is aangesloten op de geautomatiseerde boekhouding van het Kadaster. Zo kunt u het ‘kadastrale bericht’ van een pand opvragen met informatie over eigenaren, huurders, koopjaar en koopsom en bijzonderheden als een monumentenstatus.
  5. Systematische informatie over bewoners kunt u vinden in bevolkingsregisters en, indien aanwezig, in adresboeken. Voor de recentere periode kunt u oude telefoonboeken
    raadplegen. De adresboeken van de stad Groningen over de periode 1854-1972, waarin met ingang van 1907/1908 per adres de hoofdbewoners en hun beroep vermeld werden, staan op microfiches in de studiezaal.
  6. Denk ook aan publicaties over de familie van de voormalige eigenaren/ bewoners. U kunt notariële archieven raadplegen voor koopakten en testamenten, memories van successie inzien of zelfs plaatselijke kranten napluizen op advertenties van verkoop of veiling. Om een beeld te krijgen van de inrichting van het huis kunt u op zoek gaan naar boedelinventarissen (via notarissen en successiememories).

Via www.groningerarchiefnet.nl zijn archieven van de meeste gemeenten in de provincie Groningen te doorzoeken.

U kunt voorafgaand aan een bezoek aan het betreffende gemeentearchief kijken of daar stukken in zitten die voor uw onderzoek van belang zijn. Zo kunt u bijvoorbeeld via de optie ‘archieven’ per gemeente zoeken op woorden als ‘bouwvergunningen’, ‘bevolkingsregisters’ of ‘hinderwetvergunningen’.

Voor de stukken staan bovendien de inventarisnummers vermeld (vetgedrukt), en aan de datering ervan is te zien of het door u gezochte jaar aanwezig is. Inzage in de stukken bij gemeentehuizen is alleen op afspraak mogelijk. Van alle deelnemers aan archiefnet staan (email)adressen, telefoonnummers en namen van archiefmedewerkers vermeld.