bijgewerkt1969wit_.jpg

Vanuit Appingedam schrijft Lodewijk van Nassau op 4 mei 1568 een brief aan het stadsbestuur van Groningen waarin hij uitlegt waarom hij met zijn leger de ommelanden is binnengevallen. Hij is hier niet uit eigen belang, maar hij heeft een opdracht:

Volg de Vertaalslag rond Heiligerlee

Fragment brief Lodewijk van Nassau aan Stadsbestuur Groningen
Fragment brief van Lodewijk van Nassau aan Stadsbestuur Groningen, 4 mei 1568, Groninger Archieven (2100-1462.83)

Wie daswir, nitt fur uns selbs, leichttfertig, sonder aushabenden bevel (nach Inhalt unser Commission) mitt einem kriegsvolck, In disse Lande gezogenn, und gemaindt seyhenn, durch hulff, und beystandt des starckenn unnd eifferigen Gottes zu fromen, und besten der Ko: Mat: auss Hispanien, zu wolfardtt, und schutz, der gemainen Niderlandenn, die eingewurtzeltte frömde und schmeliche Tiraney, der grausamen wutterich und verfolger Christlichs bluets, ab zu schaffenn, die alte Rhumliche privilegien zu wider pringenn,  und handt zuhabenn, auch den armen hien, und wider, verjagttenn, verthrucktten. Christen, und vätternn, dess vatter landes, unss, mit trost, hulff, Retthunge und beystandt zu erweisenn.

Hij is hier om troost, hulp, redding en bijstand te verlenen aan de verdrukte christenen die zuchten onder een wrede tiran en hij wil de oude privileges herstellen.  Hij wil de Nederlanden redden en doen wat in het belang is van de koning van Spanje.

Maar dan wordt zijn toon scherper. Mochten de stadsbestuurders  onverhoopt niet instemmen met dit optreden,  dan ziet Lodewijk zich gedwongen hen als vijanden van het algemeen belang , van het vaderland en van de koning te beschouwen en met geweld tegen hun op te treden:

do wir aber, uber al unser gedenckenn Euwern uhnwillenn soltten vermerckenn, welches wer vhast ungernn vernemen, und uns von hertzenn laidt were, dan musten wir, und seindt schuldig,vermög obengezogener unser Commission, euch feinde desgemainen nutzens, des vatterlandes, und also der
Ko: Mat: zu declariern, zu achtten, und wider euch feindtlich zu procediern, dan so wir uns, ein freundt des königs und des gemainen fridens, erklarenn

Lodewijk ziet zich als vriend van de koning en van de vrede en wil van de stadsbestuurders weten welke positie zij innemen:

und was derhalbenn, euwer gemudt, will, und mainunge, begerenn wir, furderlich, durch beschribene anthwortt zu wissenn

Plattegrond van Appingedam ca. 1568
Plattegrond van Appingedam ca. 1568. Gekopieerd uit het Kaartenboek van Jac. van Deventer (fragment), Groninger Archieven (817_1190)

 

Albert Beuse

Hoofd Studiezaal/ Gemeentearchivaris