Regest 292 , 1523 Maart 2: Eggert Ripperda, hoofdling toe Wydtwert, Holwyrda en Uutwyrda, ter eene, en Boelo Ripperda, proost, hoofdling toe Fermszum en ten Damme, mede namens zijne broeders en zuster, verklaren eene scheiding te hebben aangegaan van de landerijen aangekomen van Ulske, vrouwe toe Wytwart, moeder van Eggert, grootmoeder van Boelo c. s., welke landen in het stuk breeder zijn omschreven.
Ghegeven in den jare uns Heren dusent vijffhondert dre und twyntich des Maendages na Reminiscere