Regest 386 , 1552 Februari 12: Stadhouder en hoofdmannen van Stad en Ommelanden van Groenyngen verklaren, dat zij in de oosterwarf binnen Groenyngen uitspraak hebben gedaan in een geschil tusschen Focke Rypperda, aanklager, ter eene en Bolo Rypperda, Hayo Rypperda zijn zoon, Uneko Rypperda, Hayo Rypperda voorn. met Menne Houwerda van wege Frerick Rypperda en Evert Clandt van wege Tiaecke Rypperda, gedaagden, ter andere zijde, over de verdeeling der nalatenschappen van proost Uneko en van vrouwe Ulske, in welke zaak reeds vroeger een vonnis was gegeven door Sweer Rengers van den Poste.
Actum op den twalfften dach February anno etc twee ende vijfftich