Regest 392 , 1552 October 12.: De officiaal van Munster verklaart, dat, met inachtneming van den termijn der 2 litteræ citatoriales, voor hem is verschenen magister Rembertus Preckinck, welke verzocht hen, die niet tijdig aan de citatien gevolg gaven, contumaces te verklaren, en Johannes Knipperdollinck, decanus, als getuige te mogen doen hooren, en dat, dit verzoek toegestaan zijnde, gezegde Johannes den eed op het evangelie heeft afgelegd.
Anno Domini millesimo quingentesimo quinquagesimo secundo eodem insuper die quo proxime suprascripto in paradiso ecclesie Monasteriensis in quo jura reddi et cause audiri solent