Zoek op de website

Veendam

Geschiedenis

Verzoek Daniel Alexander zich in  de Wildervank te mogen vestigen (Gemeentearchief Groningen; Archief van de secretarie van het stads- later gemeentebestuur van Groningen rekest 7 februari 1674 Verzoek Daniel Alexander zich in de Wildervank te mogen vestigen (Gemeentearchief Groningen; Archief van de secretarie van het stads- later gemeentebestuur van Groningen rekest 7 februari 1674

De dorpen Veendam en Wildervank liggen in het zuid-oosten van de provincie Groningen. Hun ontstaan in 1647 danken ze aan de ontginningen van de uitgestrekte veengebieden. Het gebied werd door een dubbel kanalenstelsel ontsloten, die onderling verbonden waren door dwarskanalen.

Bij een zo'n kanaal, het Beneden Dwarskanaal en een sluis, ontstond Veendam. Wildervank is min of meer een voortzetting van Veendam. De bevolking van beide dorpen ontstond voornamelijk uit veenarbeiders, schippers, ambachtslieden en kooplieden. Op de ontgonnen gebieden vestigden zich boeren.

In dit gebied vestigde zich in 1674 het eerste Joodse gezin; de uit Amsterdam afkomstige Daniel Alexander. Het aantal Joden nam in de eerste decennia van de 18e eeuw langzaam toe. Vooral in de tweede helft van de 18e eeuw groeide het aantal Joden in beide plaatsen sterk. In 1783 telde Veendam 130 en Wildervank 44 Joden. Hun belangrijkste bronnen van bestaan vormden de handel in vee, vlees en ongeregelde goederen. Verder oefenden veel Joden het beroep van slager uit.

In 1813 telde de Joodse Gemeente, die werd gevormd door de dorpen Veendam, Wildervank, Meeden, Muntendam en Stadskanaal 243 joden. In 1850 zouden de Joden in Stadskanaal zich afscheiden. Desondanks bereikte de Joodse Gemeente Veendam-Wildervank z'n grootste omvang in 1887 met 600 Joden. Ook toen waren de Joden voornamelijk werkzaam in de handel en het slagersambachten.

In 1901 telden de dorpen Veendam, Wildervank en Muntendam nog 301 Joden. In de maanden september en oktober 1942 is het merendeel van hen gedeporteerd. Na de oorlog werd de Joodse Gemeente Veendam-Wildervank opgeheven en bij de Joodse Gemeente Stadskanaal gevoegd.

In 1951 werd op de Joodse begraafplaats een monument onthuld ter nagedachtenis aan de weggevoerde Joden. Op de plaats van de oude synagoge kwam in 1967 eveneens een monument ter herinnering aan de joodse gemeenschap van beide dorpen.

Levie Valk (1881-1942) en Betje Levie(1883-1942) met  jodenster, mei/juni 1942. [Tg. 818 inv. nr. 867] Levie Valk (1881-1942) en Betje Levie(1883-1942) met jodenster, mei/juni 1942. [Tg. 818 inv. nr. 867]

Synagoge

In 1738 is er sprake van een vergaderruimte in het huis van Frerik Simons bij het Middelste Verlaat. Waarschijnlijk was dit een huissynagoge. In 1745 laat hij achter zijn huis een synagoge bouwen. Deze gaat in 1793 over in handen van de Joodse Gemeente. In 1797 was de synagoge dermate bouwvallig geworden dat hij werd gerenoveerd.

In juli 1798 werd de vernieuwde synagoge ingewijd. In de 19e eeuw werden nog talrijke reparaties en verbouwingen doorgevoerd. Maar het gebouw was desondanks dermate bouwvallig geworden dat het werd afgebroken.

Locatie op de minuutplan van 1832 waar zich tussen circa 1745 en 1947 de synagoges (sectie D2 nr. 1122), met tuin (nr. 1119), toegangsweg (nr. 1121), een drietal huizen aan het Oosterdiep en het schooltje daarachter (Tg. 44 inv. nr. 1065). Locatie op de minuutplan van 1832 waar zich tussen circa 1745 en 1947 de synagoges (sectie D2 nr. 1122), met tuin (nr. 1119), toegangsweg (nr. 1121), een drietal huizen aan het Oosterdiep en het schooltje daarachter (Tg. 44 inv. nr. 1065).

Op 2 september 1892 werd een nieuwe synagoge ingewijd, die op de plaats van het oude gebouw was verrezen. Na de oorlog werd de synagoge verkocht en in 1947 gesloopt.

Synagoge aan het Boven Oosterdiep te Veendam, circa 1925. [Tg. 818 inv. nr. 16058] Synagoge aan het Boven Oosterdiep te Veendam, circa 1925. [Tg. 818 inv. nr. 16058]

Interieur van de synagoge aan het Boven Oosterdiep te Veendam, circa 1930. [Tg. 818 inv. nr. 16071] Interieur van de synagoge aan het Boven Oosterdiep te Veendam, circa 1930. [Tg. 818 inv. nr. 16071]

 De feestcommissie van de Israelitische Gemeente Veendam/Wildervank poseert voor de synagoge aan het Boven Oosterdiep 31 ter gelegenheid van het 40 jarig jubileum van dit gebouw in 1932. [Tg. 818 inv. nr. 16067] De feestcommissie van de Israelitische Gemeente Veendam/Wildervank poseert voor de synagoge aan het Boven Oosterdiep 31 ter gelegenheid van het 40 jarig jubileum van dit gebouw in 1932. [Tg. 818 inv. nr. 16067]

Staand v.l.n.r. : Meijer Jonas Vleesblok (1906-?); Izaäk Josephus Meyers (1899-1943); de godsdienstonderwijzer Levie Abrahams Gans (1890-1943); Jacob Judas Cohen (1908-1942); Philippus Levie Bendik (1883-1943); Izak Nathans Polak, voorzitter van de Israëlitische gemeente (1872-1943?).
Zittend v.l.n.r. : Izaak Mozes Odewald (1877-1943); Roza Julia Tof, (1904-?); Esther Mozes van Delft - de Levie (1876-1942); Mietje Izaäks Franforter-West (1896-1943); Sientje Simons Klein (1905-1942).

Begraafplaats

In 1741 verwierf de Joodse Gemeente een stukje grond in het gehucht Ommelanderwijk aan de weg Nummero Een en richtte het in als begraafplaats. Deze begraafplaats werd in 1779 en 1902 vergroot. Er staan 310 graftekens waarvan de oudste dateert uit 1802.

Joodse begraafplaats aan de Ommlanderwijk te Veendam, circa 1970. [Tg. 818 inv. nr. 15947] Joodse begraafplaats aan de Ommlanderwijk te Veendam, circa 1970. [Tg. 818 inv. nr. 15947]

Rabbijnen

De eerste rabbijn waarvan wij in 1752 de voornaam kennen is ene Abraham. Denkelijk is hij de vader van Hartog Abrahams, die akten ondertekende als Naftali Hirsch zoon van onze leraar Avraham.

Nathan Godschalk (Gossels) is de tweede rabbijn die we bij naam kennen. Hij heeft zich in 1766 te Veendam gevestigd en was naar eigen zeggen geboren in 'Lengsveld' (nu Stadtlengsfeld in Thüringen). Hij fungeerde in elk geval tot en met oktober 1785 als rabbijn. In datzelfde jaar vestigde zich ene rabbi Wolf Isak in Veendam. Het is nog maar de vraag of hij zodanig werkzaam is geweest. Immers, vanaf 5 oktober 1785 stelde de Joodse Gemeente de uit Breit afkomstige Baruch de Beer (1756-1810) aan als rabbijn, godsdienstonderwijzer, voorzanger en sjochet.

Deze bleef tot zijn overgang naar Pekela in 1798 als zodanig functie. In de jaren 1806 en 1807 fungeerde de voormalige Winschoter rabbijn Aron Mozes Frankforter als rabbijn.