Zoek op de website

Beth Zekenim

Van joods bejaardenhuis tot luxe studio’s

door Beno Hofman

In het pand dat Olga Wiese en haar medebewoners in de jaren tachtig ‘Besjeshuis’ doopten werden in 2006 luxe studio's gebouwd, 75 jaar geleden werd het gebouwd als joods bejaardenhuis ‘Beth Zekenim’.

Hoewel het pand aan het Schoolholm de laatste jaren veel – vooral negatief - in het nieuws is geweest, is de oorsprong ervan voor velen onbekend.

Eén van de eerste pleiters voor een eigen oudeliedengesticht of gasthuis is de joodse inspecteur van het geneeskundig staatstoezicht Dr. Levy Ali Cohen. Al in 1852 wordt er een poging gedaan geld in te zamelen voor de bouw van zo’n bejaardenhuis, maar het duurt tot 1878 voor de vereniging ‘Beth Zekenim’ (Huis voor Oudelieden) het licht ziet.

Schoolholm 24

Schoolholm 24 [1785-4578] Schoolholm 24 [1785-4578]

Hoewel de ‘Israëlitische gemeente’ het pand Schoolholm 24 al in 1886 verwerft, duurt het daarna nog dertien jaar voor het een ‘Beth Zekenim’ wordt.

Op 1 december 1899 krijgen ‘vader’ en ‘moeder’ Ten Brink in het huis de zorg over negen bejaarden.

In 1912 worden zij opgevolgd door het echtpaar Van Gelderen, dat de beschikking krijgt over een tweede pand – Schoolholm 26 - en de zorg over meer bejaarden.

Gebroeders Gerzon

Een belangrijke rol in de ontwikkeling van Beth Zekenim wordt gespeeld door Jozef Juda Gerzon en zijn jongere broer Levie Lazarus (‘Lion’).

Jozef heeft met broer Mozes de leiding over de door hun moeder Saartje Gerzon-Schaap opgerichte vleeswarenfabriek aan het Boterdiep en is vanaf 1898 secretaris van Beth Zekenim. Lion en z’n broer Eduard leiden in Amsterdam het Modehuis Gerzon.

Jozef weet z’n broer Lion in 1917 zo warm te maken voor een nieuwbouwplan van Beth Zekenim dat deze vijfentwintigduizend gulden ter beschikking stelt. Op dit fundament bouwt Jozef, die in 1920 bestuursvoorzitter wordt, verder en in 1931 is het eindelijk zo ver.

Hij dient op 29 september van dat jaar namens het bestuur een bouwaanvraag in. Na sloop van Schoolholm 26 en 28 wordt er achter een nieuw Beth Zekenim gebouwd, naar een ontwerp van het Groninger architectenkoppel Kuiler en Drewes.

Opening

Schoolholm 24-26, 1932. Foto: P.B. Kramer [1785-4512] Schoolholm 24-26, 1932. Foto: P.B. Kramer [1785-4512]

Op 16 november 1932 vindt de officiële opening plaats en verhuizen ‘vader’ en ‘moeder’ Mozes met hun bejaarden naar het nieuwe onderkomen.

Het door hen verlaten pand Schoolholm 24 wordt twee jaar later gesloopt en in opdracht van de vereniging door Kuiler en Drewes vervangen door een bedrijfsruimte met twee bovenwoningen.

Razzia's

Als de oorlog uitbreekt en de Duitsers hun zogeheten razzialijsten laten opstellen, blijken er in Beth Zekenim drie personeelsleden – waaronder directrice Rosalie Alida Mozes – en achtentwintig bejaarden te wonen.

Geen van hen overleeft de oorlog. Op 9 maart 1943 wordt het huis leeggehaald. De meeste bewoners worden spoedig verder getransporteerd van Westerbork naar Sobibor en vinden daar de dood.

Een aantal maanden heet Schoolholm 26-28 dan een ‘Joods ziekenhuis’, maar op 8 december ‘43 komt ook daaraan een eind. Voor het laatste Groninger transport wordt Beth Zekenim voor een tweede keer leeggehaald. De Hitler Jugend en Organization Todt nemen het pand in gebruik en de kelder wordt geschikt gemaakt als schuilkelder.

Diverse bewoners

Na de oorlog dient het voormalige bejaardenhuis eerst voor de opvang van gerepatrieerde joodse Groningers, de PTT en het Bureau voor Rechtsherstel.

In 1957 verkoopt de vereniging Beth Zekenim het complex aan een particulier. Jarenlang wordt het gebruikt door het Nederlands Leger des Heils als verpleeghuis Gustaaf Maste.

Nadat ook kunstenares Olga Wiese twintig jaar eigenaar is geweest, begint in 2003 een duistere periode die nu ten einde lijkt.