Zoek op de website

Academie van Bouwkunst

De hechte relatie tussen de Groninger architecten en hun academie

door Beno Hofman

Groninger architecten stonden aan de basis van de Groninger architectenopleiding, redden haar enkele keren van de ondergang en zijn er nog steeds nauw mee verbonden. Zo is de geschiedenis van de dit jaar in meer dan één opzicht jubilerende Groninger Academie van Bouwkunst samen te vatten.

Eeuwenlang worden gebouwen ontworpen door degenen die de leiding hebben bij de bouw, de bouwmeesters. Zij laten zich daarbij leiden door wat technisch mogelijk of traditie is. Soms grijpen zij terug op oude stijlen en bouwen bijvoorbeeld neo-klassiek of neo-gotisch. Als gevolg van de Verlichting ontstaan er in de achttiende eeuw bouwkunde-opleidingen.

In Groningen is deze onderdeel van de in 1798 geopende ‘Academie van Teeken-, Bouw- en Zeevaartkunde’. De eerste echte Nederlandse architectenopleiding wordt in 1863 in Delft gegeven aan de Technische Hogeschool.

MTS

Petrus Driessenstraat, MTS [1785-2964] Petrus Driessenstraat, MTS [1785-2964]

Voor de Groninger technici opent in 1923 aan de Petrus Driessenstraat de Middelbare Technische School (die in 1957 HTS wordt).

Omdat dit geen architectenopleiding is, wordt er in de avonduren vanaf 1936 op initiatief van de Vereniging tot Bevordering der Bouwkunst een cursus ‘Voorbereidend Bouwkunst Onderricht’ (VBO) gegeven.

Hij is bestemd voor in de bouwpraktijk werkenden en wordt gegeven door Groninger architecten als Siep Bouma, Pit van Loo, Evert van Linge, Herman van Wissen en Bonne Kazemier.

Cursusleider is Tonko Tonkens en Ploeg-lid Johan Dijkstra geeft les in de ‘schone kunsten’.

In de laatste oorlogsjaren wordt de cursus gegeven op het bureau van architect Tonkens en bij zijn collega Vegter aan huis. Na de bevrijding wordt onderdak gevonden in een ruimte van het Rode Weeshuis. In 1947 krijgt het VBO een officiële status. Het Prinsenhof is de volgende, geschiktere leslocatie, maar slechts van korte duur.

Meerdere keren wordt verhuisd om uiteindelijk te belanden boven de schoenenzaak van Hessels, op Carolieweg 1a.

Van VBO naar HBO

Onder aanvoering van de Groninger Coen Bekink streven de studenten van de negen Nederlandse VBO’s naar verbetering van het niveau van hun opleiding. In 1963 blijkt de minister bereid enkele van hun voorstellen over te nemen. Het VBO zal HBO worden, maar om dit te kunnen bekostigen, zullen o.a. Groningen, Leeuwarden en Almelo moeten sluiten. Alleen dankzij een krachtige lobby blijft de Groninger vestiging als enige toch behouden.

Met Coen Bekink als directeur wordt het Groninger VBO in 1966 een ‘Academie van Bouwkunst’ met een eigen pand, Hoge der A 12. De opleiding duurt voortaan zes in plaats van vier jaar. De studenten krijgen op vrijdagavond en zaterdag les van architecten, maar ook van bijvoorbeeld politici en kunstenaars. Na twee jaar laat Bekink het directeurschap over aan zijn medewerker, de filosoof Guy Schokking.

De Hoge der A in 1976, met in het midden achter de bouwkeet de Academie van Bouwkunst. Foto: K.A. Gaasendam [1785-28335] De Hoge der A in 1976, met in het midden achter de bouwkeet de Academie van Bouwkunst. Foto: K.A. Gaasendam [1785-28335]

Twintig jaar blijft de Academie gevestigd aan de Hoge der A. Dan leidt een reorganisatie tot een samengaan met Academie Minerva en het Conservatorium tot de Sector Kunstvakopleidingen. Niet lang daarna – in 1990 - dreigt opnieuw opheffing van de Groninger vestiging. Door Groningen, Maastricht en Arnhem te sluiten, wil minister Ritzen de drie overblijvers – Amsterdam, Rotterdam en Tilburg – verbeteren.

Weer komen de Groninger architecten, dit keer gesteund door de politiek, de Rijkshogeschool (later Hanzehogeschool), bouwers en makelaars, in actie. Dit krachtige verbond slaagt erin Groningen open te houden en bovendien in 1998 van een nieuw gebouw te voorzien. Aanvankelijk funktioneert het nieuwe ‘Huis voor de Architectuur’ aan de Zuiderkuipen als nevenvestiging van Rotterdam.

Tegenwoordig is de inmiddels 40-jarige AvB onderdeel van de Hanzehogeschool, maar nog steeds is het een deeltijdopleiding en verzorgen architecten een groot deel van het onderwijs.