Zoek op de website

Van Giffen

werd bij toeval wierdenonderzoeker

door Beno Hofman

Dat Albert Egges van Giffen het ‘geheim van de wierden’ zou ontdekken, was honderd jaar geleden nog volstrekt ondenkbaar.

Zijn archeologische carrière begon bij toeval, toen de beoogde toezichthouder bij de afgraving van de wierde van Dorkwerd in 1908 afhaakte.

Biologiestudent Van Giffen nam de vacante plaats in en kon er daarna geen genoeg van krijgen. In 2005-2006 is er een tentoonstelling ‘Professor van Giffen en het geheim van de wierden’ in het Groninger Museum gehouden.

Albert Egges van Giffen wordt op 14 maart 1884 in Noordhorn geboren als zoon van een hervormde dominee. Doordat zijn vader steeds van standplaats wisselt, verhuist Ab in zijn jeugd maar liefst acht keer.

Het langst – zeven jaar – woont de familie in Diever. In 1904, als Van Giffen biologie gaat studeren, is zijn vader net beroepen in Zuidhorn.

Geld beschikbaar gesteld voor onderzoek

Doordat in die tijd op grote schaal wierden worden afgegraven vanwege hun vruchtbare grond, gaat er veel kennis verloren. Als in 1908 hetzelfde dreigt met de wierde van Dorkwerd stelt het ‘Centraal Bureau voor de Kennis van de Provincie Groningen en Omgelegen Streken’ honderd gulden beschikbaar voor een onderzoek.

Een assistent van Prof. F.J.P. van Calker zal toezicht houden, maar ziet dit bij nader inzien toch niet zitten. De geologische hoogleraar vraagt zijn biologische collega J.F. van Bemmelen dan om een student die voor hem wat fossielen wil verzamelen. Vierdejaars Ab van Giffen lijkt dit wel wat.

Plattegrond en een dwarsprofiel van een huis, Leenster Wierde 1939, [818-8661] Plattegrond en een dwarsprofiel van een huis, Leenster Wierde 1939, [818-8661]

De student vat zijn klus zeer serieus op. Hij laat de gravers alle gevonden voorwerpen apart leggen en maakt aantekeningen in een zakboekje.

Na enige tijd begint Van Giffen ook de blootgelegde profielen te tekenen. De student wordt steeds enthousiaster en legt de situatie zelfs op foto’s vast. In een kamer van het Botanisch Laboratorium aan de Grote Rozenstraat verzorgt Van Giffen na afloop een kleine presentatie voor het ‘Centraal Bureau’.

Niet alleen dit bureau, ook het Friesch Genootschap en de Leidse scheikunde hoogleraar Van Bemmelen sr. zijn erg onder de indruk van Van Giffen. Met name de laatste zorgt er voor dat de Groningse student door kan gaan. Van de bijeengebrachte subsidie van duizend gulden schaft Van Giffen een motorfiets aan waarmee hij langs alle wierden rijdt.

Van Giffen krijgt werk in Leiden

Na zijn afstuderen in de botanie en zoölogie - op 6 juli 1910 - wordt Ab van Giffen assistent van Van Bemmelen op het Zoölogisch Laboratorium aan de Reitemakersrijge.

Erg lang blijft hij dit niet, want in Leiden trekt de eerste officiële universitaire archeoloog Jan Hendrik Holwerda aan hem. Omdat Van Giffen wil trouwen met de Zuidhornse Sien Homan en het Leidse geld wel kan gebruiken, gaat hij op het aanbod in en verhuist in 1912 naar Oegstgeest.

Van Giffen werkt vijf jaar in Leiden. Het is een periode die van groot belang is voor zijn vorming als archeoloog, maar ook één die gekenmerkt wordt door conflicten. Een ruzie met zijn superieur Holwerda loopt zelfs zo hoog op dat de minister van binnenlandse zaken – P.W.A. Cort van de Linden – zich ermee moet bemoeien.

Biologisch Archeologisch Instituut

Genodigden bij opening van het Biologisch Archeologisch instituut, 1922 [1785-16065] Genodigden bij opening van het Biologisch Archeologisch instituut, 1922 [1785-16065]

In 1917 keert Van Giffen terug op het Groningse Zoölogisch Laboratorium en hervat ook het wierdenonderzoek.

Het gevolg is wel dat hij zijn werk op het laboratorium verwaarloost.

De universiteit besluit deze onwenselijke situatie in 1919 op te lossen door Van Giffen te ontheffen van zijn taak.

Hij krijgt de beschikking over het voormalige postkantoor in de Poststraat en als hier twee jaar later personeel en een budget bijkomen, is het Biologisch Archeologisch Instituut geboren.

Van Giffen, die vooral naam maakt met zijn opgraving in Ezinge, blijft er de rest van zijn werkzame leven aan verbonden en behoudt er tot de verbouwing van 1966 een kamer.
 

Afgraving van de Tuinster Wierde, 1939 [818-8660] Afgraving van de Tuinster Wierde, 1939 [818-8660]

het geheim van de wierden

het geheim van de wierden

In het boek ‘Professor Van Giffen en het geheim van de wierden’ – dat verschenen is bij de gelijknamige tentoonstelling in het Groninger Museum (17.12.2005 – 09.04.2006) – wordt ruime aandacht besteed aan het onderzoek van de kunstmatig opgeworpen woonheuvels die typerend zijn voor het Noord-Nederlandse en Duitse kustlandschap.