Zoek op de website

Burgemeester Modderman

liet nauwelijks sporen na

door Beno Hofman

Na een grondige restauratie hangt sinds kort in het stadhuis weer het door Jozef Israels geschilderde portret van Mr. S.M.S. Modderman.

Het uit 1900 daterende schilderij behoort tot de serie burgemeestersportretten van de gemeente. De Moddermanlaan is naar hem genoemd, maar veel meer herinnert er niet aan deze man die maar liefst 36 jaar deel uitmaakte van het college van B&W.

Sebastiaan Mattheus Sigismund Modderman stamt uit een familie van juristen en bestuurders. Zijn grootvader Tonco is een van de pariottenleiders van 1795. Zijn vader Antonius en oom Hendrik Jacob Herman zitten in de Tweede Kamer en neef Anthony Ewoud Jan wordt minister van justitie.

Sebastiaan Mattheus Sigismund wordt in 1820 in Hoogezand geboren en genoemd naar zijn grootvader De Ranitz. Als vader Modderman in 1832 procureur-generaal wordt bij de Groninger rechtbank, verhuist het kinderrijke gezin naar Oude Boteringestraat 50.

Geheel in de familietraditie gaat Modderman rechten studeren. In 1844 promoveert hij en twee jaar later wordt hij benoemd tot rijksadvocaat. Het volgende jaar huwt S.M.S. een dochter van de bekende hoogleraar H.C. van Hall.

Tonco Modderman, 1745-1802 [1785-16553]
Tonco Modderman, 1745-1802  [1785-16553]
mr. Antonius Modderman, 1793-1871 [1785-16156]
mr. Antonius Modderman, 1793-1871  [1785-16156]
Sebastiaan Mattheus Sigismund de Ranitz, 1838-1917 [818-23451]
Sebastiaan Mattheus Sigismund de Ranitz, 1838-1917  [818-23451]
Herman Christaan van Hall, 1801-1874 [1785-20316]
Herman Christaan van Hall, 1801-1874 [1785-20316]

Het jonge paar woont een aantal jaren aan de Guldenstraat en het Martinikerkhof, maar in 1858 keert Modderman terug naar de hem vertrouwde Oude Boteringestraat, naar nummer 71. Hij krijgt dertien kinderen en overtreft daarmee zijn vader (elf) en grootvader (twaalf) nog.

In november 1862 begint in de Provinciale Staten Moddermans politieke carrière. Anderhalf jaar later, als er een vacature is in de gemeenteraad, wordt hij door de zeer conservatieve kiesvereniging ‘Neerlands Heil’ kandidaat gesteld. Hij verliest van Ali Cohen van ‘Eendragt maakt Magt’, maar als er korte tijd later opnieuw een plaats vrij is, wint Modderman wel.

Vier burgemeesters

Direct tijdens zijn eerste zitting als gemeenteraadslid – op 23 april 1864 - wordt Modderman gekozen tot wethouder. Het is het begin van een lange loopbaan, waarin hij in totaal vier burgemeesters mee maakt: W. de Sitter (1864-1872), B. van Royen (1872-’80), Jhr. J.Ae.A. van Panhuys (1880-’83) en J.N.A. Bucaille (1883-’93).

Met name onder de zwakke twee laatsten speelt de ervaren Modderman een vooraanstaande rol en is in beide gevallen geruime tijd waarnemend burgemeester.

W. de Sitter [818-23700]
W. de Sitter [818-23700]
B. van Royen [1785-16681]
B. van Royen [1785-16681]
Jhr. J.Ae.A. van Panhuys. Foto: W.F. Pastoor [818-23368]
Jhr. J.Ae.A. van Panhuys. Foto: W.F. Pastoor [818-23368]
J.N.A. Bucaille [1785-17640]
J.N.A. Bucaille [1785-17640]

Modderman is zeer tevreden met zijn rol als wethouder. Dat blijkt als hij in 1883 weigert zijn neef op te volgen als minister van justitie.

Ook opvolging van Van Panhuys ziet hij niet zitten. Maar tien jaar later, als Modderman inmiddels 73 is en opnieuw wordt gevraagd burgemeester van Groningen te worden, hapt hij alsnog toe.

Schilderij van S.M.S. Modderman gemaakt door Jozef Israëls, 1900 [818-23678] Schilderij van S.M.S. Modderman gemaakt door Jozef Israëls, 1900 [818-23678]

Bij zijn ambtsaanvaarding op 15 oktober 1893 maakt Modderman direct duidelijk wat men van hem kan verwachten.

Hij dringt aan op ‘voorzichtigheid ten aanzien van de financiën’ en meldt dat er naast de bouw van het nieuwe Academische Ziekenhuis voorlopig geen ‘andere grote werken in aantocht zijn’.

Modderman houdt woord. Onder zijn burgemeesterschap komt nauwelijks iets tot stand. Toch wordt hij op 30 september 1899 bij Koninklijk Besluit voor zes jaar herbenoemd.

Een week later blijkt hij echter ziek en op 6 januari 1900 meldt wethouder N. Rost Ezn. dat Modderman ontslag heeft gevraagd en gekregen.

De raad geeft Jozef Israels opdracht hem te portretteren. Voordat het schilderij klaar is, overlijdt Modderman op 80-jarige leeftijd.