Zoek op de website

Renovatie van ‘Diephuis’

door Beno Hofman

In 2004 vond de renovatie plaats van het bouwblok Diephuisstraat 20-44.
Deze straat tussen de Korreweg en de Oosterhamrikkade dankt haar naam aan de ooit vermaarde Groningse rechtsgeleerde Gerhardus Diephuis.

Toen het gemeentebestuur in 1930 tot de naam besloot, was de in 1892 overleden Diephuis in rechtskringen nog een begrip, maar inmiddels weten weinigen meer wie hij was en welke betekenis hij had.

Gerhard Diephuis

Gerhard Diephuis wordt in 1817 in Farmsum geboren. Op zijn vijftiende gaat hij in de stad rechten studeren en verlatiniseert zijn voornaam tot Gerhardus.

Twee weken voor zijn huwelijk met Alagonda Hemmes– op 16 juli 1840 – promoveert hij. Twee jaar later behaalt Diephuis ook de doctorstitel in de klassieke talen.
Op dat moment heeft hij een advocaatpraktijk in zijn geboorteplaats.

Schilderij prof. Gerhardus Diephuis [1785-10287] Schilderij prof. Gerhardus Diephuis [1785-10287]

In 1844 laat Diephuis zich voor het eerst gelden als juridisch schrijver. Hij levert het eerste deel af van een serie van negen commentaren ‘Het Nederlandsch Burgerlijk Recht naar de volgorde van ’t Burgerlijk Wetboek’. In hetzelfde jaar wordt de jurist benoemd tot rechter in Winschoten.

Later is hij naast rechter ook enige jaren raadsheer bij het Provinciaal Gerechtshof in de stad. Diephuis is overigens niet alleen juridisch actief. Hij bemoeit zich als schoolopziener en later provinciaal inspecteur met het lager onderwijs, zit in de Provinciale Staten en maakt zijn echtgenote tien keer zwanger.

Diephuis wordt in 1859 aan de Rijksuniversiteit benoemd tot ‘gewoon Hoogleeraar in de regtsgeleerde Faculteit’. Het gezin verhuist dan van Winschoten naar Zuiderhaven I 264, het huidige Hoge der A 17.

Handboek

Hier besluit hij, vanwege een door studenten gevoelde behoefte, tot het schrijven van een ‘Handboek voor ’t Nederlandsch Burgerlijk Recht’. In 1864 verschijnt het en wordt Diephuis bovendien voor een jaar benoemd tot rector magnificus.

Op een septemberavond in 1868 krijgt Alagonda Diephuis een ongeluk. Na een bezoek aan haar broer in Oostwold slaat het paard van haar koets op hol. Ze wordt uit het rijtuig geslingerd, komt ‘met haar hoofd in het slijk’ en overlijdt.

Gerhardus Diephuis blijft achter met vijf minderjarige kinderen en verhuist enige tijd later naar de Stoeldraaiersstraat. In deze tijd vraagt zijn uitgever hem om een herziening van ‘Het Nederlandsch Burgerlijk Recht naar de volgorde van ’t Burgerlijk Wetboek’ of een nieuw commentaar.

‘Het Nederlandsch Burgerlijk Recht’

Na enige aarzeling begint Gerhardus Diephuis aan een nieuwe serie van uiteindelijk dertien delen. Het eerste deel van ‘Het Nederlandsch Burgerlijk Recht’ verschijnt in 1869. Als Diephuis in 1887 als zeventigjarige eervol ontslag krijgt als hoogleraar, is hij bezig aan het tiende deel.

Vier jaar later is hij met de hele klus klaar. Diephuis woont dan inmiddels aan de Herestraat, waar hij wordt verzorgd door zijn jongste dochter. In november 1892 overlijdt de emeritus hoogleraar aan de gevolgen van een langdurige ziekte en vindt een laatste rustplaats in het familiegraf op de Zuiderbegraafplaats.

Decennialang leeft Diephuis voort door zijn boeken, die van beslissende invloed zijn op de ontwikkeling van het Nederlands privaatrecht. Het is dan ook geen wonder dat het Groningse gemeentebestuur in 1930 besluit in de zogeheten Professorenbuurt een nieuwe straat naar hem te noemen.

Naast psycholoog Heymans worden vijf ‘bekende Groningsche rechtsgeleerden’ vernoemd. Met Diephuis krijgen ook Oppenheim, Land, Tellegen en Reiger een straat.

De eerste huizen

De eerste huizen die aan de Diephuisstraat worden gebouwd, zijn de nummers 8 tot en met 18. Aannemer Johannes Lambertus Brons neemt vanaf december 1931 het blok 20 tot en met 44 voor zijn rekening.

Diephuisstraat: gezien naar het noordwesten, 1933 [1785-15019] Diephuisstraat: gezien naar het noordwesten, 1933 [1785-15019]

Het ontwerp voor dit blok komt van het productieve Groningse architectenkoppel Kazemier en Tonkens. De in een sobere Amsterdamse school-stijl uitgevoerde huizen worden in de zomer van 1932 opgeleverd.

De aanstaande renovatie van het bouwblok Diephuisstraat 20-44 is een gevolg van de aanwijzing van de zogeheten Oppenheimbuurt tot beschermd stadsgezicht. De eigenaren van dit blok zijn daardoor wettelijk verplicht achterstallig onderhoud weg te werken. Zij hebben besloten de renovatie zelf te organiseren en hebben daartoe een cooperatie opgericht.

De renovatie betreft de volledige vervanging van de buitentrappen en het herstel van de koperen bloembakken. Met de renovatie wordt ook de herinnering aan de naamgever van de straat, Gerhardus Diephuis, weer wat opgepoetst.

Civielrechtelijke vereniging

Civielrechtelijke vereniging

In 1988 krijgt de ooit vermaarde jurist Diephuis nog een vernoeming. Privaatrechtstudenten van de Groningse Rijksuniversiteit richten een vereniging op, die zij naar hem noemen. Volgens de eigen website diephuis.nl heeft de ‘Civielrechtelijke Vereniging Diephuis’ zich sinds de oprichting ontwikkeld van ‘puur pleitdispuut tot een brede juridische studievereniging’. Tot de activiteiten van de vereniging behoren de uitgave van een Diephuis Almanak en het organiseren in april van een Diephuiscongres.