Zoek op de website

Max Tetzner

Voetballer Max Tetzner was succesvolste Groninger schaatser aller tijden

door Beno Hofman

Marianne Timmer en Renate Groenewold hielden op de Olympische Spelen 2006 de Groninger schaatseer hoog. Een mannelijke rijder uit onze provincie was in het deelnemersveld niet te vinden. Dat is niet zo verwonderlijk, want succesvolle Groninger langebaanrijders zijn zeldzaam.

Dat blijkt wel uit een historisch overzicht van de KNSB waarin de eerste Groninger pas op de negentiende plaats komt, achter bijvoorbeeld de Drenten Piet Kleine (7e), Gerard Kemkers (14e) en Harm Kuipers(15e). Opvallend is bovendien dat deze Groninger - Max Tetzner - bekender was als voetballer dan als schaatser.

Max Robert Dietrich Tetzner wordt in 1896 in de stad geboren als zoon van de Duitse bloemenkoopman Carl Paul Tetzner en de Groningse Geertrui Roelofsma.
Ze hebben dan al een dochter - Jantina Emma - en twee jaar later wordt er nog een zoon geboren, Johannes Cornelus ('Hans' ).
Vader Tetzner heeft een goedlopende bloemenzaak in de Herestraat en vanaf ca. 1900 op Tussen beide Markten 4, en een kwekerij in Helpman.

Kampioenselftal

De kinderen Tetzner zijn sportief en Max en Hans gaan in 1909 voetballen bij Forward, dat dan in Helpman speelt bij Groenestein. Twee jaar later maken de jongens de overstap naar Be Quick, waar Max vanaf 1914 als rechtsbuiten een vaste kracht wordt in het eerste elftal.
De bloemenzaak is in die tijd verhuisd naar Guldenstraat 12.

Max, en spoedig ook Hans, dragen ertoe bij dat Be Quick jaren achter elkaar kampioen van Noord Nederland wordt. Beide broers behoren ook tot het elftal dat in 1920 - als enige Groninger voetbalploeg ooit! - het landskampioenschap behaalt. Hans speelt zelfs acht interlands en Max drie, in 1921 en '22.

Kampioenselftal 1916-1917 [818-6976] Kampioenselftal 1916-1917 [818-6976]

NK langebaan

De Tetzners blijken ook goed uit de voeten te kunnen op het ijs. In 1919 doet Max mee aan het Nederlands kampioenschap langebaan in Zwolle. Tot veler verrassing laat de Groninger de ervaren rijders Sjaak de Koning en Anton Wajer achter zich en wordt kampioen.

Max Tetzner tijdens de Nederlandse kampioenschappen, 1921. Foto: P.B. Kramer [1785-17492] Max Tetzner tijdens de Nederlandse kampioenschappen, 1921. Foto: P.B. Kramer [1785-17492]

De volgende twee winters zijn niet streng genoeg om een schaatskampioenschap mogelijk te maken, maar in 1921-'22 is het opnieuw raak.

Al op zaterdag 3 en zondag 4 december kan IJsvereeniging Groningen op haar baan in de Stadspark de ‘Nationale kampioenswedstrijden voor amateurs’ organiseren.

In totaal schrijven zich twaalf schaatsers in, waaronder de Be Quick-voetballers: Max en Hans Tetzner en Evert van Linge.

Max komt, volgens het Nieuwsblad van het Noorden, beter beslagen ten ijs dan in 1919, doordat hij de week tevoren ‘op de prachtige baan op het Paterswoldsche meer’ heeft kunnen trainen.

Max Tetzner tijdens de Nederlandse kampioenschappen, 1921. Foto: P.B. Kramer [1785-17485] Max Tetzner tijdens de Nederlandse kampioenschappen, 1921. Foto: P.B. Kramer [1785-17485]

Op zaterdag is het, volgens de krant, ‘heerlijk schaatsweer met een helderblauwe lucht en een vriendelijk zonnetje’ en de 450 meter lange baan bevindt zich in ‘een uitstekende conditie’.

Max wint door ‘het prachtig nemen van den bocht’ zowel de 500 als de 3000 meter.

Op zondag rijdt hij twee keer om de medailles tegen de kampioen van 1917, Jan Harke Bakker uit Spijk. Beide keren is Tetzner de snelste, waardoor hij met vier afstandsoverwinningen de titel prolongeert.

Een derde kampioenschap zit er voor Max Tetzner niet in, doordat het tot 1929 duurt voor er weer – en opnieuw in Groningen – om de titel kan worden gereden. Enkele maanden eerder heeft Tetzner zich als keel-, neus- en oorarts in Amsterdam gevestigd. Wel rijdt hij die winter, samen met z’n broer, de elfstedentocht. Het is zijn laatste grote sportprestatie.

‘Na een kortstondige ziekte’ overlijdt Max Tetzner op 7 januari 1932 in de hoofdstad, slechts 35 jaar oud.

De bloemenhandel van Tetzner blijft nog lang een begrip in de stad. Nadat Carl Paul Tetzner zich heeft teruggetrokken, zet de familie Corporaal de zaak voort. Tot april ’45 op Guldenstraat 12, dan op nummer 6 en uiteindelijk in het ‘nieuwe stadhuis’ op Tussen beide markten 1.