Zoek op de website

7 april 1851: van Amsterdam naar huis!

Aankondiging van de opening van een veerdienst met de stoomboot Willem II tussen Amsterdam en Lemmer en vice versa met aansluiting naar Groningen  (uit: Groninger Courant van 25 maart 1851) Aankondiging van de opening van een veerdienst met de stoomboot Willem II tussen Amsterdam en Lemmer en vice versa met aansluiting naar Groningen (uit: Groninger Courant van 25 maart 1851)

Om 5 uren had ik reeds het bed verlaten ten einde vroegtijdig mijn coffer te pakken, nademaal ik eerst ook mijn morgengebed wilde verrigten en eerst een kop thee met een stukje brood te nuttigen. Om half 7 uur is het tijd om zich op de weg te begeven. Salomon kruijt mijn goed aan boord van Willem II."243" Aldaar is nu ook de heer Van Gelder."244" Zo mede trof ik reeds /104/ op de weg Jakobs van Groningen aan, die ook mede gaat. Ten 7 uren belt de klok en de boot gaat los en het is weder voorwaarts. De Algoede God schenke ons allen een voorspoedige reijs. Mijn verlangen is zoo reikhalsend naar mijne waarde vrouw en huisgenoten en vrienden, nadat ik behoorlijk het eene en ander had bijgeboekt en mijne blaadjes bij elkander afgepast heb om eruit te komen was het reeds half 11 uren, terwijl ik nu eenmaal zooveel er aan gedaan had, zal ik het met hulp des Eeuwige zien te volbrengen. Nu is het weder tijd op het dek te gaan kijken en ik zie met genoegen dat wij reeds regtsaf achterwaards het eiland Urk hebben met het spitse torentje hetwelk ik zoo dikwijls mijns leven gezien heb, want in vroegere tijden was hier ook de koers voorbij. Ter linkerzijde nu bijkans de Vreesche wal met bosch, Gaasterland is dit.

Het Sneeker Veerhuis ('de gewezene herberg van Helmer Jans') Uitsnede Hisgis Lemmer sectie A Het Sneeker Veerhuis ('de gewezene herberg van Helmer Jans') Uitsnede Hisgis Lemmer sectie A

Zoodat voor ons uit spoedig de Lemmert te zien is. Ten half 12 uren is de Lemmert regt voor ons. Mijn verlangen naar mijne gade en vertrouwde kinderen wordt nu gaande als sterker. Ten 12 uren zijn wij door de zegen des Heeren aan de haven bijna aangekomen door de aanhoudende Oostenwind is er geen water genoeg om met grote boot binnen te komen. Het duurt maar zeer kort dat de buitenboot komt aan te stomen die de pasa/105/giers komt afhalen. Spoedig is dezelfde opzij en wij stappen nu met onze goederen maar even over."245" De passagiers die nu niet met ons reijzen, stappen aan de wal bij de gewezene herberg van Helmer Jans, alwaar nu een schilder woont."246" Wij bleven nu maar aan boord, terwijl het dadelijk ook weder voort ging zoodra de goederen voor de Lemmert afgezet waren en het is weder vooruit.

Bericht over aanpassingen aan de kanaal-stoomboot Tjerk Hides de Vries die de veerdiensten tussen Lemmer en Stroobos vice versa onderhield (uit: Groninger Courant van 9 april 1850) Bericht over aanpassingen aan de kanaal-stoomboot Tjerk Hides de Vries die de veerdiensten tussen Lemmer en Stroobos vice versa onderhield (uit: Groninger Courant van 9 april 1850)

Voor 1 uur is het ter regtezijde Oosterzee. Wijkel [Wijckel] en lings Sint Lukasga, ook Takezijl [Tacozijl]; terwijl Langeweer, Beiskenhuizen"247" nu ook kort bij ons is. Slooten een stadje is nu regt voor ons uit. Balk is ook in de nabijheid achter Wiekel [Wijckel] uit. Ten 1 uur gaan wij achter om het stadje Sloten. Dit gaat God-zij-dank alles zonder stoornis voort. Hoe verblijdend ben ik nu dat ik niet met de beurtman gegaan ben, die was op de Lemmert nog niet in 't gezigd. Hoe knagend zoude dit voor mij geweest zijn als ik daarin nu gezeten had. Thans om half 2 uur op het Slotermeer. Ter linkerzijde is Harig [Harich], een spits torentje. Alsdan komt Heeg en Woudsend. Te 2 uren bij de Wille Bruggezijde"248" aan de straatweg van de Lemmert naar Sneek en elders. Het is ook een nette draaijbrug met een tolgaarderswoning erbij. Weinig later op het Koevoetmeer [Koevordermeer], het welk in de lengte plus minus 1 uur is echter niet breed, op de helft ongeveer van het zelve Langweer met zijn spitse toren. Als dan de Joure is nog meer achterwaards, ook /106/ een spitse toren. En eindelijk komt Twellinga [Uitwellingerga] met een kort spits torentje. Wat verder is Tappenhuizen [Oppenhuizen], weder lange spitse toren. Thans is ter linkerzijde bereis de Hommers [Hommerts] en De Riep [Jutrijp]. Hier is een waterpoel netto of het een breede rivier is."249" 2 3/4 uren ter linkerzijde Drielst of Ijlst. Een weinig later ook Sneek in die rigting der stad. Ter linkerzijde terwijl wij netto 3 uren Wellinga [Uitwellingerga] passeren. De landen zijn nu ook alhier vrij groen en tevens laag liggend en met kleine dijkjes omgeven en meest alle weide of hooijland. Toppenhuizen [Oppenhuizen] zijn wij zeer kort bij nadat reeds lang tevoren gezien te hebben. Ik heb het genoegen dat de oppasser van de hofmeester mij dit alles kan zeggen anders ware dit niet doenlijk op te noteren.

De door Van der Reis afgelegde route van Lemmer naar Leek; in rood met de stoomboot Tjerk Hiddes de Vries en in blauw met de trekschuit en te voet De door Van der Reis afgelegde route van Lemmer naar Leek; in rood met de stoomboot Tjerk Hiddes de Vries en in blauw met de trekschuit en te voet

Nu is Trehenne [Terhorne], een stompe toren. En te half 4 uur na dat ik er eventjes geduikt had, zijn wij het Snekermeer overgekomen. Lings is een spits torentje, Terkappel [Terkaple] stomp, Mantgum en ook Raad [Raerd], nog een stomp is Eerensum. Bij de Oudeschans [Oudeschouw] ter regterzijde is Akrum [Akkrum], ook Boon [Aldeboarn] en Heerenveen nog meer achterwaards. Te 3 3/4 netto bij de Oudeschouw alwaar thans zoo een fraije draaijbrug over is, terwijl dit nu voor de rijtuigen zooveel beter is als vroeger, daar zij zich nu niet meer met een pont behoeven over zetten te laten. Een grote herberg met een verdieping alwaar somers veel vispartijen gehouden worden, staat onmiddelijk er bij."250" Aan de voorzijde is ook een galderij, hetwelk een nette aanziens uitmaakt.

Ten 4 uren bij Eensumazijl [Irnsumerzijl], alwaar altoos de Lemmertsman aanhoud."251" Wij hebben hier niet nodig aan te houden. Onze hofmeester is zoo gedienstig in alles uitermate en voor billijke prijs is alles verkrijgbaar wat op een behoorlijke manier maar te wenschen is, waarom het ons dan zeer goed voorkomt dat de boot alhier maar stil doorvaart. Eerensum [Irnsum] was ter linkerzijde en wij aan de zijl gekomen waaren, het vaarwater gaat onmiddelijk er aan langs en de straatweg erdoor, daarbij is de buitenplaats van de heer Heemstra,"252" zoodat het buitengoed van de oude gouverneur Sijtsema in deze nabijheid geheel weggebroken is."253"

Rodahuizen [Roordahuizum] en Triens [Friens] hierbij gelegen lings vooruit. Regts vooruit is nu Oude Boon [Oldeboorn]. Thriens [Friens] is een klein spits torentje. Nu gaat het op Grouw aan, alwaar wij te half 5 uren voorbij varen. Aan de linkerzijde ziet men thans Warrenga [Wergea] en Wattena [Wartena], ook Leeuwarden. En ook nog kleine plaatsjen zoomede boerderijen en veele watermolens zijn hier van alle kanten te zien. Grouw is een knappe vlek, die zoowel door handel in vee als anderzins en granen en alle producten en zeevaart bestaat. De hofmeester verhaald ons dat aldaar een zeker persoon de heer De Vries kortelijk een proces met een Engelsman heeft gehad om de warde van een ton gouds. De advocaat Lipman heeft de Engelsman verdedigd en heeft het proces gewonnen."254" Ook is het land alhier reeds aardig groen ofschoon niet in der mate als voor /108/ drie weken in Engeland, terwijl ik toen reeds het vee heb gezien grazen op sommige plaatsen en in het laatst algemeen het hoornvee buiten liep zoowel als de schapen. Ik ben nu reeds weder aan het vlakke en lage land gewend.
Te 4 3/4 uren regtsaf Iennewoude [Earnewald]. Alhier en regtsaf alles nog waterplas. Verderop ziet men Watten [Warten]. Lingsaf ziet men spits torentje, Warringa. Stompe Wiedgaard [Wijtgaard] en dan nog een kort stompje Zwartebuur. Klein Wartena ter linkerzijde digtbij, terwijl Eernawoude [Earnewald] regtsaf is. Hier is ter regterzijde alles waterplas of uitgebaggerde poelen,"255" terwijl het aan de linkerzijde nog zeer schrale laag liggende landen gelijken. Het vaarwater is nog rojaal breed. 5 ¼ uur is Oostermeer regtsaf te zien. Hier is alles regts en lings effen, maar nog bruinachtig land en dor en zelfs veel rusken op te merken.

Suijewoude [Suwald] is lings, terwijl voor ons uit nu Bergum is. Het vaarwater wordt nu smaller en gaat nu somtijds al met bogten. Te half 6 uren zijn wij bij de doorrid alwaar somers zeer weinig water staat en de boeren met hunne wagens met hooij zoowel als anderzins door de vaard heen rijden. Men kan dus afleiden dat er dan niet veel water staat. Alles is hier rondom ordinair hooijlanden. 5 3/4 uur Suwoude [Suwald], lings agter ons Sumeer [Sumar],"256" regtsaf Garijp. Wat verder en te 6 uren te Bergum. Aan Jakobs van Groningen heb ik nu tuschen het bedrijf een briefje voor mijn vriend Hildesheim mede gegeven, die nu gaarne een spil dammen met mij wil spelen. Dat moet ik zeggen, zoo lang ik uit geweest ben heb ik nog geen spel in de hand gehad als een maal een soort van billart met 9 kleine ijvoren ballen op een smalle lange taveltje. /109/

Schuilenburg (Skûlenboarch) met brug en herberg, 1916 (bron: Fries Fotoarchief nr. 104101) Schuilenburg (Skûlenboarch) met brug en herberg, 1916 (bron: Fries Fotoarchief nr. 104101)

Alhier bij Bergum is voor korte jaren een nieuwe buitengoed aangebouwd en behoort aan de heer Geerts te Bergum."257" En de van ouds genaamde Bargemadam [Bergumerdam] is nu ook een fraaij brug. Half 6 uren onder het dammen op het Bergemermeer [Bergumermeer], daar zie ik nu weder mijn bekent land. Eestrum, Oostermeer, regts de woudkant alwaar half 7 de palen bennen van het meer bij Scheelenberg [Skûlenboarch]. Hier begint weder de akkerbouw aan te komen en het land is ook hoger. Het oude verlaat is weggebroken en een knappe ophaalbrug bij de herberg."258" Jastermar is ter regterzijde.

Voor 7 uren regtsaf is nu Drogeham en wij zijn zoo aan Kloostertil [Kootstertille] en vervolgens in Kooten. Twiezel [Twijzel] en Buitenpost ter linkerzijde. Een endje verder halen wij de kaper in van de beurtman van zaterdagavond van Amsterdam, aldus hoe moij is het nu niet voor de reijziger met deze nette inrigting en eindelijk nu onder het coffijdrinken en wat eeten aan de Rode Hel [Reahel]. Later te Blauwverlaat en te 8 uur te Strobos [Stroobos] en zoo als wij daar aankomen is het ook direkt tijd met de Berzie [Birza=Trekschuit] af te varen."259" Bevoor ik te Stroobos aankwam, heb ik alles in mijn coffer ingepakt tot zelfs mijn horloge met ketting, portefulie zoowel als het weinig geld ten einde om mij te Enumatil niet op te houden omdat mijn verlangen na huis zoo groot was. Terwijl aldaar misschien toch geen arbeidsmanman [sic] meer zoude op zijn en ik dierhalve een eind wegs kan voort zijn eer iemand klaar is om mede te gaan. Spoedig was te Strobosch [Stroobos] alles gereed, de touwen van de Berzie los en het gaat nu weder heen. Het is nu gen daglicht meer, maar ik ken het hier goed van buiten te zien. Het hoorn blaast voor 't eerst bij Dorpstertil,[[voetnoor260]] vervolgens bij Eiberburen [Eibersburen] om half 9 uren eindelijk onder de brug bij de Westerhorn."261" Ik kan op die naam voorzeker niet opkomen."262" Eindelijk blaast het hoorn bij de Gaarkeuken te 9 uren. /110/ De Berzie gaat echter niet hart voort er is maar een paard voor. Armoede is bij de snikvaarders van Groningen na Strobos alle dagen troef. Thans bij Schaftil het is niet nodig regts en lings liggende plaatsen hier te noteren. De tijd naderd en wij zijn bij 't Noordhorner tolhek alwaar wij even stil houden. Later blaast het hoorn bij de Briltil. 10 ¼ uur gaat ons de van Groningen komende Berzie voorbij, zoodat wij te half 11 uren te Enumatil zijn.

De algoede God schenke mij nu den kracht dewijl ik met moed de reijs naar mijn beminde vrouw alleen zal aannemen met den klokslag 12 uren was mijn bede verhoord, terwijl ik mijn waarde vrouw in de beste welstand op het eerste kloppen hare geluid bespeurde, niet weinig vreugde veroorzaakte wederom deze ontmoeting terwijl zij mij van de kinderen en geheele famielie hare welzijns mede deelde, te meer dat nigte Lea vrijdag van een welschapene zoon verlost was."263" Ofschoon ik nu niet wilde dat er eenige omstel om mijnet wegen gemaakt zoude worden, mij liever ter rust wilde begeven aangezien ik in zweet gelopen was. Er is echter nog veel te veel nieuws om dadelijk in te slapen, terwijl wederzijds naar de familie erkondigd wordt benevens de goede bekenden en vrienden. Wegens een vriendin had ik mij tevens wegens hare ongesteldheid zeer verschrikt den Algoede bestuurder schenke haar spoedig een volkomen beterschap en beware alle weldenkende voor alle onheijlen en rampen en hiermede besluite ik mijne reijs, zijnde vanaf den 13 maart tot en met het uiteinde van den 7 april 1851, ofschoon het in een regte lijn niet zoo ver maar door omwegen langs de spoorwegen misschien 600 Engelsche mijlen alleen in Engeland heb afgelegd.

243.

De raderstoomboot Willem II van de Friesche Stoomboot Rederij en in 1842 gebouwd bij de werf Gleichmann & Bune te Hamburg vertrok 3 keer per week om 7 uur vanaf het IJ naar Lemmer.

244.

Er woonden destijds meerdere Van Gelders in Groningen.

245.

Men stapte over op het kanaalstoomschip luitenant admiraal Tjerk Hiddes de Vries, eveneens van de Friesche Stoomboot Rederij, die een dienst onderhield tussen Lemmer en Stroobos en die volgens een bericht in de Groninger Courant d.d. 9 april 1850 ter plaatse door de smid A. Meulman was vergroot.

246.

Bedoeld is het Sneeker Veerhuis aan de Lange Streek dat door Helmer Jans in 1827 werd aangekocht en in 1848 verkocht aan zijn schoonzoon, de uit Ulrum afkomstige Jacob Johannes Balk.

247.

Waarschijnlijk Langweer en Idskenhuizen.

248.

Waarschijnlijk de Jelteslootsbrug over de Jeltesloot.

249.

Waarschijnlijk de Hengstepoel.

250.

De Oude Schouw is een Hotel-Restaurant in dit buurtschap en al sinds de 17e eeuw in gebruik. Voordat de huidige brug in 1839 was aangelegd, werd men op dit punt per boot overgezet.

251.

Iets ten noorden van Irnsum lag in de rivier de Boorn een dam (Nije Daem) waarin onder andere ten behoeve van de scheepvaart een sluis (zijl) was gebouwd. In 1884 werd de sluis gesloopt en vervangen door een brug. In hetzelfde jaar werd ook de vlak bij de sluis staande herberg De IJsberg gesloopt. Blijkens de aantekening van Van der Reis was de herberg een ravitailleringspunt voor het beurtschip van Lemmer naar Groningen. Kennelijk legden de met stoom aangedreven schepen niet meer aan bij de herberg.

252.

Bedoeld is het landgoed Schoonzicht (op de plek waar sinds 1866 de rooms-katholieke kerk staat) van de grietman van Rauwerderhem F.J.J. Baron van Heemstra.

253.

Beslinga State was tot 1620 een grote boerderij. In dat jaar wordt het geheel door Andries van Sytzama afgebroken om op dezelfde plaats een State te bouwen. De State zal altijd in de familie Sytzama blijven. De laatste eigenaar is Maurits Pico Diederik Baron van Sytzama. Hij besluit in 1828 de State af te breken en te vervangen door een veel groter landhuis. Na de dood van Maurits Pico Diederik in 1848 komt de State leeg te zijn. Blijkbaar zijn er geen kopers voor te vinden en een jaar later wordt besloten om de State af te breken.

254.

Samuel Philippus Lipman,1802 geboren te Londen en 1871 overleden te Hilversum, was in Amsterdam werkzaam als advocaat. Hij bekeerde zich in 1852 bekeerde tot het katholicisme.

255.

Het tegenwoordige nationaal park de Alde Feanen.

256.

Iets verder dan Garyp, aan de rechterkant, ligt Sumar.

257.

Bedoeld is … Geerts.

258.

Bij Schuilenburg (Skûlenboarch) bevond zich vroeger een sluis of verlaat met een herberg. In 1844 werd hier de Flapbrug gebouwd.

259.

In Stroobos, precies op de grens van de provincies Friesland en Groningen, stapte Van der Reis over op een trekschuit of snikke. Het bestuur van een provincie verleende destijds concessies voor alle vormen van vervoer en de vergunning voor Friesche Stoomboot Rederij gold kennelijk alleen voor het Friese deel van het traject tussen Lemmer en Groningen.

260.

Buurtschap Dorp even voorbij Stroobos.

261.

Het gebied ten westen van Grijpskerk is de Westerhorn of Westerhoek.

262.

Bedoeld is de Baikstertil.

263.

Lea van der Reis, geboren te Leek 14 juli 1829 dochter van Abraham Victor van der Reis en Duifje Jacobs Elkan, trouwde 8 december 1847 met Mozes Wijnberg, geboren 6 september 1824 te Paterswolde als zoon van Joseph Lezer Wijnberg en Henderina Joseph Levi. Op 4 april 1851 werd hun zoon Abraham Wijnberg te Leek geboren.