Zoek op de website

Familieonderzoek

De zoektocht naar uw familiegeschiedenis zal waarschijnlijk beginnen op internet, waar een enorme schat aan informatie te vinden is. Maar hoe vindt u daarin uw weg, wat kunt u precies met die gegevens doen en hoe gaat u vervolgens verder met uw onderzoek? Graag helpen we u op weg om het onderzoek naar uw ‘Groninger roots’ op een gestructureerde wijze op te zetten.

Hinderkien van der Sluis-Nijhof met drie van haar kinderen, v.l.n.r. Egbertien, Evert en Abel, Onstweddertange, ca. 1913. Foto T. Post, Winschoten, collectie RHC Groninger Archieven (818-11741) Hinderkien van der Sluis-Nijhof met drie van haar kinderen, v.l.n.r. Egbertien, Evert en Abel, Onstweddertange, ca. 1913. Foto T. Post, Winschoten, collectie RHC Groninger Archieven (818-11741)

Wat u moet weten

Bij genealogie vormt het jaar 1811 een belangrijke scheidslijn. In dat jaar werd de burgerlijke stand ingevoerd, en kwam de registratie van de bevolking in handen van de overheid. Later kwam daar ook nog het bevolkingsregister bij. In 1811 werd bovendien het gebruik van familienamen verplicht gesteld; in oudere documenten staan deze nieuwe achternamen dus niet vermeld. De belangrijkste bronnen voor de periode vóór 1811 zijn de doop-, trouw- en begraafboeken (DTB).

Voor u begint

Verzamel bij uw familie alvast zoveel mogelijk schriftelijke en mondelinge informatie over uw voorouders. Houd er daarbij rekening mee dat met name de mondeling overgedragen gegevens ‘gekleurd’ kunnen zijn. De verzamelde informatie kunt u later aan de hand van de officiële bronnen controleren op haar  juistheid.
Door uit te zoeken of er al iets is gepubliceerd over uw familie, kunt u zichzelf een hoop werk besparen. Zo bewaren wij in onze bibliotheek een uitgebreide collectie genealogische publicaties. In onze studiezaal vindt u de meeste reeds gepubliceerde genealogieën die betrekking hebben op Groningse families en een aantal landelijke en regionale tijdschriften op het gebied van familieonderzoek.
Het kan voorkomen dat iemand elders in het land bezig is met familieonderzoek naar (een deel van) de door u gezochte stamboom. Internet biedt veelal ook op dit vlak uitkomst, én de mogelijkheid om contact te leggen met andere genealogen.

Gepubliceerde genealogieën

De publicaties staan in de studiezaal in de kasten 49 t/m 52. Handige hulpmiddelen hierbij zijn:

  • Genealogische bibliografie van de provincie Groningen - W.G. Doornbos, Groningen, 1995 (kast 52).
  • Genealogisch Repertorium - E.A. van Beresteyn, Den Haag, 1972 (2 delen met supplementen) (kast 52). Een overzicht van genealogieën die aanwezig zijn bij het Centraal Bureau voor Genealogie.

Andere nadere toegangen en bronbewerkingen in de studiezaal zijn:

  • Boerderijenboeken; overzichten van boerderijen in een bepaald gebied, met gegevens over de geschiedenis van elk boerenbedrijf en de bewoners. Niet alle delen van de provincie zijn beschreven. Deze boeken staan bij de studiezaalbalie. Klik hier voor een overzicht vindt u op onze website.
  • Lijst van indexen (kast 13, plank 1): nadere toegangen, vooral naamindexen op tal van bronnen in de stad en de provincie Groningen (in de kasten 13 en 14).

Typen familieonderzoek

Bepaal van te voren zo concreet mogelijk wat u wilt uitzoeken, zo voorkomt u dat uw onderzoek te veel uitdijt.

In grote lijnen wordt familieonderzoek verdeeld in vier typen:

  1. Kwartierstaat
    Een overzicht van alle directe voorouders in zowel de mannelijke als de vrouwelijke lijn, van heden naar verleden. Per generatie verdubbelt het aantal personen, waardoor als het ware een waaiervorm ontstaat.
  2. Stamreeks
    Een stamreeks volgt één bepaalde lijn uit een kwartierstaat: ofwel alleen de voorouders in de mannelijke lijn (patrilineair) of in de vrouwelijke lijn (matrilineair), van heden naar verleden.
  3. Genealogie
    Dit is een overzicht van alle nakomelingen in mannelijke lijn, van verleden naar heden. Bij deze opstelling wordt uitgegaan van de oudst bekende voorvader in mannelijke lijn (generatie I), die stamvader wordt genoemd.
  4. Parenteel
    Overzicht van alle nakomelingen in zowel mannelijke als vrouwelijke lijn, van verleden naar heden. Er wordt uitgegaan van één stamouderpaar of alleen een stamvader of stammoeder (generatie I) met hun kinderen (generatie II) en al hun verdere afstammelingen.

Computerprogramma's voor familieonderzoek

Bedenk hoe u uw onderzoeksgegevens wilt vastleggen. U kunt de informatie natuurlijk op papier bijhouden, maar er bestaan ook computerprogramma’s voor het verwerken van genealogische gegevens. Door u al in een vroeg stadium te oriënteren op de diverse computerprogramma’s, kunt u wellicht later in uw onderzoek een stuk efficiënter te werk gaan.

Advies en informatie over de verschillende programmatypen vindt u o.a. in de brochure ‘Genealogie en computer, de keuze van een programma’ van het Centraal Bureau voor Genealogie in Den Haag (gratis te downloaden op www.cbg.nl). Ook bestaan er verenigingen die zich toeleggen op het gebruik van computertoepassingen in de genealogie. Gebruikers van een aantal genealogische computerprogramma’s hebben zich verenigd in zogeheten gebruikersgroepen of houden contact met elkaar in ‘mailinglists’. Op www.cbg.nl vindt u een overzicht met links naar de websites van de belangrijkste computerprogramma’s, hun gebruikers en een aantal verenigingen op dit terrein.

Aan de slag

Het ‘echte’ werk, het opzetten van het genealogisch raamwerk, begint met het bijeenzoeken van gegevens uit de akten van de burgerlijke stand, de belangrijkste bron voor familieonderzoek na 1811. Dit kunt u grotendeels thuis doen, omdat bijna alle Groninger gegevens zijn te raadplegen  op www.allegroningers.nl en er ook hard gewerkt wordt aan de digitale beschikbaarheid van de akten zelf. U hoeft dus steeds minder vaak een beroep te doen op de originele akten of kopieën daarvan, zoals deze worden bewaard bij de betreffende gemeenten en bij de Groninger Archieven.

Vóór 1811 zijn gegevens over doop, (onder)trouw en overlijden te vinden in de zogeheten Doop-, Trouw- en Begraafboeken (DTB) afkomstig uit de archieven van de verschillende kerkgemeenschappen (kerspels). Hoe verder u terug gaat in de tijd, hoe lastiger het onderzoek zal worden door de hiaten in het bronmateriaal en door de slechte leesbaarheid van stukken. U zult bovendien merken dat de schrijfwijze en het gebruik van namen veranderen naarmate u dieper in het verleden duikt. Vóór 1811 zijn er geen officiële familienamen; er worden zowel patroniemen (afleidingen van de voornaam van de vader) als hier en daar een ‘echte’ achternaam gebruikt. De gegevens uit alle DTB-boeken uit de hele provincie Groningen zijn te vinden op www.allegroningers.nl.

Behalve DTB-boeken hielden de protestantse kerken ook een administratie bij van alle mensen die volwaardig lid waren van hun gemeente, de zogeheten lidmaten. De lidmatenadministraties van de Nederlands-hervormde kerken buiten de stad van vóór 1811 zijn  te raadplegen op www.lidmatengroningen.nl. De registraties van Nederlands-hervormde lidmaten uit de stad Groningen en de lidmatenregistraties van doopsgezinden, lutheranen en Walen zijn op microfiche te raadplegen in de studiezaal, met behulp van de naamindexen in kast 13 en 14.
Een andere belangrijke bron voor familieonderzoek over de periode 1850-1938 is het bevolkingsregister. De originele registraties bevinden zich bij de verschillende gemeenten. Bij de Groninger Archieven is van de Groninger gemeenten het merendeel van de registers over de periode 1850-1920 op microfiche te bekijken.

Nader familieonderzoek op internet

Mogelijk vindt u niet alles wat u zoekt in de database van Alle Groningers. Bijvoorbeeld omdat een geboorte, huwelijken of overlijden in een andere provincie plaatsvond. U kunt dan verder zoeken in de landelijke database www.wiewaswie.nl. Daarnaast stellen veel archiefdiensten, genealogische verenigingen en particuliere genealogen hun gegevens via internet beschikbaar. Zo kunt u direct op een familienaam zoeken op de homepage van het Centraal Bureau voor Genealogie in Den Haag. Treffers verwijzen naar verschillende archiefbronnen die daar aanwezig zijn. Dit kan een bidprentje, familieadvertentie of dossier zijn, maar ook een verwijzing naar een publicatie of een lopend onderzoek met vermelding van contactinformatie van de betreffende onderzoeker.
De Nederlands Genealogische Vereniging met al haar regionale afdelingen is de grootste genealogische vereniging die via haar website familiegegevens en allerlei praktische informatie toont.

Nader familieonderzoek bij de Groninger Archieven

Na het raadplegen van de genealogische archieven ontbreken er mogelijk nog gegevens of u wilt de gevonden informatie controleren. De volgende stap is dan ook de zoektocht naar andere bronnen. Bekijk welke mogelijkheden er zijn om verder te zoeken op basis van uw vondsten. Zijn er akten van koop en verkoop genoemd, zijn daar data of jaartallen bij bekend of te herleiden, is de familie vaak verhuisd en zo ja, kan dat samenhangen met verandering in onroerend goed-bezit? Of andersom: leidt een huwelijk of overlijden tot verhuizing en koop of verkoop van onroerend goed?

De burgerlijke stand, het bevolkingsregister en de DTB-boeken zijn opgemaakt om de bevolkingsgegevens te registreren. Dit geldt niet voor de bronnen die u in dit stadium van uw onderzoek zult raadplegen. Die zijn opgemaakt met een ander doel en daardoor minder toegankelijk: ze geven geen overzicht van de hele bevolking en ze zijn niet op naam doorzoekbaar. Bekijk daarom per bron hoe deze is opgezet, voor welk gebied of welke groep mensen deze is opgezet en of de naam die u zoekt er in voor kan komen. U weet vooraf meestal niet of u iets vindt. Registers en stukken zult u vaak bladzijde voor bladzijde moeten doorkijken. Noteer daarbij steeds alle voorkomende naamvarianten.

Voor een klein deel van de stukken geldt dat u daarbinnen op een persoon kunt zoeken of dat u de stukken thuis via onze website kunt bekijken. Voor de meeste ‘nadere toegangen’ zult u echter een bezoekje moeten brengen aan onze studiezaal. De nadere toegangen zijn specifiek voor een bepaalde instelling gemaakt en dus toegespitst op het eigen werkgebied, zoals een kanton of arrondissement. In de Lijst van dorpen en gehuchten (zie studiezaal, kast 13 (index 29), 83 (plank 3) en 53) kunt u zien tot welk gebied de door u gezochte locatie in het verleden behoorde. Nadere toegangen kunnen voorkomen als bijlage in de inventaris, los in de studiezaal of als onderdeel van het archief. In dat laatste geval zijn ze vaak opgenomen achter de stukken waar ze bij horen.

Bronnen die vooral familierelaties en bezit betreffen zijn:

  • Memories van successie
    Vanaf 1806 werden memories van successie gemaakt in verband met de toen ingevoerde belasting op nalatenschappen. Ze zijn aanwezig tot ca. 1927. In de memories van successie vindt u een overzicht van geld en goederen van een overledene en een opgave van de erfgenamen. Als iemand geen of weinig bezit naliet, werd zo’n memorie niet gemaakt.
  • Notariële akten
    Notarissen zijn in de provincie Groningen werkzaam sinds 1811. Deze archieven bevatten akten van koop en verkoop, van huwelijksvoorwaarden, testamenten en boedelscheidingen.
  • Verzegelingen
    Vóór 1811 werden akten van koop en verkoop, van huwelijksvoorwaarden, testamenten en boedelscheidingen opgemaakt door de plaatselijke gerechten. Deze akten heten verzegelingen.
  • Boedelinventarissen
    Deze stukken beschrijven de nalatenschap in onroerende en roerende goederen maar ook in baten en lasten van een persoon. Ze werden vooral opgemaakt om belangen van wezen en halfwezen te beschermen. Daarnaast werden boedelinventarissen gemaakt bij faillissementen of bij twijfel over het batig saldo van de nalatenschap.

Vervolgonderzoek

Mogelijk bent u tijdens uw onderzoek op enkele interessante aspecten van uw familiehistorie gestuit die u verder wilt uitdiepen. Het vervolgonderzoek kan op allerlei manieren worden aangepakt. Hieronder enkele voorbeelden:

Een familie met weinig of geen bezit:

  • Diaconie (kerken)
  • Armenzorg (burgerlijke gemeenten)
  • Weeshuizen, armenhuizen (stad)
  • Gedwongen verkopen
  • Faillissementen (zie Onderzoek naar middenstand)

Beroep:

Betrokken bij rechtszaken en/of gevangenisstraf:

  • Oud-rechterlijke archieven en de Hoge Justitie Kamer
  • Gerechten en rechtbanken na 1811
  • Gevangenissen

Voogdij over (half )wezen:

  • Aanstelling van voogden
  • Beëindiging van voogdij met afrekening (afkoop) bij meerderjarigheid
  • Weeshuizen en diaconie
  • Boedelinventarissen
  • Administratie van boedels

De verdere aankleding van het familieonderzoek

Als u uw genealogische gegevens compleet hebt, kunt u het onderzoek verder aankleden met bijvoorbeeld oud beeldmateriaal of met een beschrijving van de historische achtergrond. Hiervoor kunt u op allerlei plaatsen terecht: in literatuur over de geschiedenis van onze provincie, bij uw eigen familie, in de collectie van de Groninger Archieven en bij gemeenten in de provincie.

Via www.groningerarchiefnet.nl is het mogelijk een flink aantal van de archieven van de Groninger gemeenten en van het waterschap Hunze en Aa’s te doorzoeken. De stukken zelf zijn niet online te bekijken, met uitzondering van de openbare akten van de burgerlijke stand en de bevolkingsregisters van de gemeente Appingedam. Alleen de akten van de burgerlijke stand zijn in tweevoud opgemaakt, en zowel aanwezig bij de betreffende gemeente als bij de Groninger Archieven. Verder vullen de collecties elkaar aan; u vindt dus bij de gemeenten andere stukken en andere informatie dan bij de Groninger Archieven. Gemeenten in onze provincie bestaan pas sinds 1811 en hun archieven bevatten dus nauwelijks stukken van voor dat jaar. Alleen Groningen en Appingedam hebben een ouder stadsarchief.
Onderzoek bij de gemeentearchieven is slechts mogelijk op afspraak. Hiervoor kunt u contact opnemen met de beheerder van het archief in de desbetreffende gemeente. De benodigde namen, adressen en telefoonnummers vindt u eveneens op www.groningerarchiefnet.nl.