Zoek op de website

Onderzoek naar panden

Oude huizen en gebouwen ademen vaak nog de sfeer van vroeger. Ze prikkelen de nieuwsgierigheid naar de bouwhistorie en de vroegere bewoners. Vooral de laatste jaren zijn veel mensen op zoek naar de geschiedenis van het eigen woonhuis. Het is niet alleen leuk om te weten wie de vroegere eigenaren/ bewoners van een huis zijn geweest, in het geval van een verbouwing of restauratie is het belangrijk om de bouwgeschiedenis van een huis te kennen.

Herestraat 1 - Tussen beide Markten 2-4, Groningen, 1922. Foto P. Kramer, collectie RHC Groninger Archieven (1785-2391) Herestraat 1 - Tussen beide Markten 2-4, Groningen, 1922. Foto P. Kramer, collectie RHC Groninger Archieven (1785-2391)

Wat u moet weten

De Groninger Archieven hebben alleen bouwdossiers van panden binnen de grenzen van de huidige gemeente Groningen (zie onder). Bouwdossiers uit andere gemeenten in de provincie dient u bij de betreffende gemeentearchieven te raadplegen. Het is daarbij overigens goed mogelijk dat het pand dat u wilt onderzoeken vroeger tot een andere gemeente heeft behoord. In de loop der jaren zijn veel gemeenten namelijk verdwenen door herindelingen. Om te kunnen bepalen uit welke voormalige gemeenten een gemeente is samengesteld, staat er een overzicht op de website www.groningerarchiefnet.nl (>deelnemers >voormalige gemeenten). Zie ook www.gemeentegeschiedenis.nl.

Herindeling gemeente Groningen
Het grondgebied van de gemeente Groningen is enige malen gewijzigd. Zo werd Kostverloren (oorspronkelijk gemeente Hoogkerk) in 1912 aan de gemeente Groningen toegevoegd, gevolgd door Helpman in 1915 (voorheen gemeente Haren, met bouwdossiers vanaf 1904). Op 1 januari 1969 werd de gemeente Groningen uitgebreid met de gemeenten Hoogkerk en Noorddijk en delen van de gemeenten Adorp, Bedum en Haren.
De bouwvergunningen van panden uit al deze gebieden zijn overgedragen aan de gemeente Groningen en maken deel uit van de collectie van de Groninger Archieven. Tekeningen van de grenscorrecties uit 1969 zijn te vinden in het archief van het Economisch Sociografisch Bureau (toegang 1614, inv.nrs. 51-56).

Straatnamen en huisnummers
Het identificeren van een gebouw is soms lastig. Pas met de invoering van het Kadaster in 1832 kwam er een algemene en uniforme aanduiding van locaties, die een exacte identificatie van percelen en panden door de tijd mogelijk maakte. De huidige adressering van straatnaam en huisnummering is pas in de loop van de 20e eeuw ingevoerd. De stad Groningen stapte rond 1900 over op het huidige adressysteem (zie onder), terwijl sommige dorpen in de provincie pas in de jaren zeventig van de vorige eeuw overstag gingen.
In het oude nummeringssysteem bepaalde de wandelroute in een wijk of dorp vaak de volgorde in de huisnummering. De adressering bestond uit een letter en een cijfer, waarbij de letter correspondeerde met een bepaald dorp binnen een gemeente of met een wijk in de stad Groningen. De huizen binnen zo’n wijk- of dorpaanduiding werden doorlopend genummerd, niet zoals tegenwoordig verdeeld in even en oneven nummers.
Ook veel straatnamen zijn in de loop der tijd gewijzigd. In onze bibliotheek vindt u een aantal publicaties over dit onderwerp. Wees er ook op bedacht dat straatnamen (en/of huisnummers) ten tijde van de bouwaanvraag soms nog niet waren vastgesteld.

Wijknummers in de stad Groningen
In de stad Groningen werd in 1804 wijknummering ingevoerd. In 1822 is deze nummering vervolgens aangepast. Alle wijken in de stad kregen in dit systeem een eigen letter, en de huizen in die wijken volgnummers. Deze nummering diende ook als basis voor de bevolkingsregistratie, maar komt niet overeen met de kadasternummering. In 1899 is overgestapt op het huidige straatnamensysteem. Om te kunnen bepalen wat het huidige huisnummer van een pand is geworden kan gebruik gemaakt worden van het omnummerboek uit 1899 en het woningregister uit 1921 (toegang 1607, inv.nrs. 1362 en 1363).

Monumenten
Bent u op zoek naar informatie over een gemeentelijk of rijksmonument, dan is hierover vaak wel een dossier te vinden. Voor gegevens van rijksmonumenten kijkt u op www.cultureelerfgoed.nl, of neemt u contact op met de Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed.
Gegevens uit bouwhistorisch onderzoek naar belangrijke panden (monumenten) in de gemeente Groningen of panden op locaties die vanuit historisch oogpunt interessant zijn (zoals de binnenstad), zijn verkrijgbaar bij het loket Bouwen en Wonen van de gemeente Groningen. Op de Cultuurwaardenkaart van de gemeente Groningen zijn gemeentelijke en rijksmonumenten aangegeven met korte beschrijvingen. Hier zijn in sommige gevallen ook pdf’s over bouwhistorisch onderzoek te downloaden.

Bouwvergunningen
Bouwdossiers behoren tot de belangrijkste bronnen voor pandonderzoek. In de stad Groningen zijn bouwdossiers bewaard gebleven vanaf omstreeks 1870. Oudere bouwaanvragen zijn nog wel te vinden, maar deze bevatten geen technische gegevens over het bouwwerk. Dit komt doordat er pas rond 1884 voor het eerst tekeningen moesten worden overgelegd bij een bouwaanvraag. In 1901 werd de Woningwet ingevoerd en vanaf dat moment moesten gemeenten een bouwverordening opstellen met eisen voor reeds gebouwde en te bouwen woningen. Ook diende vanaf dat moment iedereen bij de gemeente een vergunning aan te vragen voor het bouwen of verbouwen van een woning of een ander gebouw. Vóór 1901 gold deze wettelijke regeling nog niet, maar kende de gemeente Groningen al wel eigen bouwverordeningen.
Hoewel de eerste dossiers, zoals die in de verschillende gemeentehuizen liggen, niet allemaal even oud zijn, dateren vele daarvan wel van rond 1901. In enkele gevallen zijn gemeenten al iets eerder begonnen met het verlenen van bouwvergunningen en zijn vergunningen uit het einde van de 19e eeuw bewaard gebleven.
De aanvraag voor een bouwvergunning werd in de loop van de tijd steeds vaker voorzien van een (technische) tekening en een plattegrond, soms in blauwdruk. De bouwtekeningen en/of (schetsmatige) plattegronden geven informatie over het uiterlijk van het gebouw en over de indeling. Als er meerdere verbouwingen hebben plaatsgevonden, kunt u zien hoe het gebouw in de loop van de tijd is veranderd.
In de meeste gevallen hebben gemeenten hun actuele bouwdossiers digitaal opgeslagen. Zo kunt u zoeken op naam van de aanvrager, adres, kadastraal perceelnummer, bouwjaar etc. Veel van de oude, papieren dossiers zijn echter chronologisch op jaar van aanvraag gearchiveerd. In enkele gevallen zijn de oude dossiers ook nog te doorzoeken op adres (zoals de woningcartotheek van de gemeente Delfzijl) of op naam van de aanvrager. De mate van toegankelijkheid varieert per gemeente. Hoe de situatie is in de gemeente waar uw onderzoeksobject staat, kunt u bekijken via www.groningerarchiefnet.nl.

Voor u begint

Het is gebruikelijk bij onderzoek naar panden een aantal aspecten te onderscheiden: eigendom, bewoning, het gebouw en de eventuele functie. In de praktijk zult u merken dat de onderwerpen ‘eigendom’ en ‘bewoners’ vaak niet los van elkaar gezien kunnen worden, en gecombineerd moeten worden om een goede historische reconstructie te kunnen maken. Lacunes uit de ene soort bron kunt u zo aanvullen met gegevens uit een andere bron, om zo de weg terug in de tijd te kunnen vervolgen. Dit geldt met name voor het bronmateriaal van vóór 1811 waarin regelmatig informatie ontbreekt.

Het gebouw
De beste bron voor de geschiedenis van een pand is uiteraard het gebouw zelf. Als het pand nog bestaat, geven bijvoorbeeld de ligging, bouwstijl en sporen van verbouwing een idee van de ouderdom en ontwikkeling. Via www.hisgis.nl kunt u in elk geval nagaan of de locatie in 1832 al was bebouwd en wat de functie van het gebouw was. Oude kaarten en foto’s geven een beeld van ligging en uiterlijk. Ook bouwtekeningen en bouwvergunningen kunnen veel informatie opleveren.

Het eigendom
De belangrijkste bronnen voor onderzoek naar het eigendom van panden (en land) gaan over de eigendomsoverdracht en veranderingen daarin (vóór 1811 te vinden in oud-rechterlijke archieven, na 1811 te vinden in notariële archieven) of geven een toestand op een bepaald moment weer (registratie ten behoeve van belastingheffing). Om veranderingen in eigendom vast te stellen kunnen ook persoonsgegevens van bewoners en eigenaren én de genealogische relaties tussen hen van belang zijn. Zo kan een huwelijk of een overlijden aanleiding zijn voor overdracht van onroerend goed (bijvoorbeeld door de verkoop of vererving via een testament). Bovendien kunnen relaties tussen eigenaren het mogelijk maken een pand met meer zekerheid te identificeren.
Informatie over eigendom vindt u in eerste instantie bij het Kadaster, maar ook in koopakten, testamenten en memories van successie. In geval van veilingen vindt u informatie in notariële archieven en in krantenadvertenties.

De bewoners
Bent u er in geslaagd een lijst van eigenaren van een pand samen te stellen, dan wil dat nog niet zeggen dat u daarmee ook de bewoners gevonden hebt. In het verleden werden huizen veel vaker dan nu (deels) verhuurd, vooral in de stad Groningen. Huurcontracten zijn echter bijna niet bewaard gebleven.

Veel informatie over de bewoners (huurders dan wel eigenaren) over de periode 1830-1938 vindt u in de gemeentelijke bevolkingsregisters en het daaropvolgende systeem van gezinskaarten. Daarin worden per geregistreerde periode van 10 of 20 jaar alle leden van een gezin genoemd en de inwonende huisgenoten zoals knechten en dienstboden.
Zoeken in de bevolkingsregisters is vrijwel alleen mogelijk op naam van een bewoner. De originele registers bevinden zich bij de desbetreffende gemeente (die van Groningen, Hoogkerk en Noorddijk zijn bij de Groninger Archieven ondergebracht). In de studiezaal van de Groninger Archieven staan de registers van de meeste gemeenten tot ca. 1900 op microfiches. Het bevolkingsregister wordt opgevolgd door het systeem van gezinskaarten. De gezinskaarten zijn alleen te bekijken bij de desbetreffende gemeente. De indeling is niet langer op adres, maar op achternaam van het gezinshoofd.

De functie
Informatie over een voormalig bedrijfspand is te vinden in bouw- en hinderwetdossiers, handelsregisterdossiers, het faillissementsregister, in het archief van de arrondissementsrechtbank en natuurlijk het archief van het bedrijf zelf. Meer hierover vindt u onder Onderzoek naar middenstand. Boerderijen vormen een aparte groep van bedrijfsgebouwen.

Aan de slag

Waar u met uw onderzoek moet beginnen hangt af van de vraagstelling en van wat u al weet. Op voorhand is het dus moeilijk aan te geven welke weg u moet bewandelen. Om u toch een beetje op weg te helpen hebben wij een stappenplan in algemene zin opgesteld.

  1. Verzamel vooraf zoveel mogelijk informatie die u via de makelaar, verkoper (koopakte) of verhuurder hebt verkregen, zoals het (huidige) kadastrale nummer van het perceel. Bekijk ook het huis zelf. Is er verbouwd, past het in de stijl en aanleg van de omgeving?
  2. Mogelijk zijn er al gegevens over uw huis, wijk, dorp of stad gepubliceerd. Er zijn in openbare bibliotheken vaak dorpsgeschiedenissen, fotoboeken en boeken over wijken in de stad Groningen te vinden. Wat dat laatste betreft zijn vooral de wijkbeschrijvingen van Beno Hofman aan te bevelen. Daarnaast valt te denken aan boeken over architecten, architectuur of monumenten in Groningen, die u kunnen helpen om bijvoorbeeld op basis van stijlkenmerken de ouderdom van het pand te bepalen. De bibliotheek van de Groninger Archieven heeft overigens ook veel publicaties op dit gebied.
  3. Als u onderzoek doet naar een pand dat dateert van vóór 1832, het beginjaar van het Kadaster, dan kunt u proberen dit pand op te zoeken in de oudste kadastrale gegevens: de Minuutplans (kaarten) en de bijbehorende perceelgegevens in de Oorspronkelijk Aanwijzende Tafels (registers). Deze vindt u onder meer op www.hisgis.nl.
    Dateert het pand van na 1832, probeer dan de bijbehorende kadastrale aanduiding (gemeente, sectie en perceelnummer) te achterhalen. Veranderingen in de eigendomssituatie zijn opgemaakt in de kadastrale leggers.
  4. De kadastrale aanduiding geldt als een belangrijk gegeven. Bij de balie in de studiezaal van de Groninger Archieven kunt u met het huidige adres de huidige kadastrale aanduiding opvragen. Bovendien kunt u op www.kadaster.nl en bij de Kadasterbalie in de studiezaal tegen betaling het ‘kadastrale bericht’ van een pand opvragen met informatie over eigenaren, koopjaar en koopsom en bijzonderheden als een monumentenstatus.
  5. Systematische informatie over bewoners kunt u vinden in bevolkingsregisters en, indien aanwezig, in adresboeken. Voor de recentere periode kunt u oude telefoonboeken raadplegen. Zie ook onder Onderzoek naar middenstand.
  6. Denk ook aan genealogieën van de voormalige eigenaren/bewoners. U kunt notariële archieven raadplegen voor koopakten en testamenten, memories van successie inzien of zelfs plaatselijke kranten napluizen op advertenties van verkoop of veiling. Om een beeld te krijgen van de inrichting van het huis kunt u op zoek gaan naar boedelinventarissen.
  7. Het Bronnenschema panden gemeente Groningen en het Bronnenschema panden overige gemeenten geven een overzicht van de belangrijkste bronnen voor onderzoek naar panden. Wilt u ook onderzoek doen naar de familiegeschiedenis van de eigenaren/bewoners, gebruik dan ook het Bronnenschema familieonderzoek.