Zoek op de website

Het Tehuis

door Beno Hofman

Het congrescenturm Het Tehuis in de Lutkenieuwstraat werd in 2005 gesloopt.
Sindsdien is het perceel in de binnenstad langzaam aan veranderd in een vijver.

De eerste bebouwing op deze plek dateert al uit 1569, toen de Spaanse legeraanvoerder Caspar de Robles er een ravet of kaatsbaan liet bouwen.

Het congrescentrum begon in 1891 als ‘tehuis voor militairen en burgerjongelingen’ van een christelijke jongelingsvereniging. Uiteindelijk groeide het uit tot een complex met meer dan 20 zalen.

De Lutkenieuwstraat

De Lutkenieuwstraat wordt als ‘nijen straten’ in 1489 al vermeld. Tachtig jaar later wordt er ten noorden van de straat - op grond van Johan Volckers – een ravet of kaatsbaan gebouwd. Dit gebeurt op kosten van de stad, in opdracht van de Spaanse legeraanvoerder Caspar de Robles, alias de ‘Heer van Billy’.

Op de overdekte van baan van ongeveer 35 bij 10 meter wordt een voorloper van het huidige tennis gespeeld. Erg lang bestaat de baan niet, want op de kaart van Haubois van omstreeks 1635 lijkt het ravet al verbouwd tot een aantal woninkjes.

Deze zogeheten ‘kamers’ staan er in 1888 nog, als J.Th.F. Mulder met een bouwplan voor het gebied komt. Mulder wil een van de huisjes slopen om een doorgang te maken naar het terrein erachter en daar tien ‘burgerwoningen’ bouwen.

Het verzoek wordt door de gemeente afgewezen omdat het terrein ‘thans nog geheel door woningen’ is ingesloten en niet ‘aan de publieke straat’ ligt.

Militairen en burgerjongelingen

jhr.mr. Oncko Quirein van Swinderen ca. 1905. Foto: F.J. von Kolkow [818-23737] jhr.mr. Oncko Quirein van Swinderen ca. 1905. Foto: F.J. von Kolkow [818-23737]

Drie jaar later ligt er voor hetzelfde terrein een nieuwe aanvraag. Dit keer van de in 1863 opgerichte christelijke jongelingsvereniging ‘Onze Hulpe Zij In Den Naam Des Heeren’.

Bestuurslid R. Jonkhoff Azn. laat weten een ‘tehuis voor militairen en burgerjongelingen’ te willen bouwen.

Voor de ingang moet een huisje – hetzelfde dat Mulder op het oog had - worden afgebroken.

Het grootste deel van het door architect K. Hoekzema ontworpen gebouw komt achter drie naastgelegen huisjes.

Binnen een week heeft ‘OHZIDNDH’ haar bouwvergunning en in het najaar van 1891 wordt ‘het tehuis’ in gebruik genomen.

De door jhr. Mr. O.Q. van Swinderen geleide vereniging stelt zich ten doel ‘militairen en burgerjongelingen, wier familiën elders wonen, een christelijk tehuis te verschaffen, waar zij hun vrijen tijd nuttig en aangenaam kunnen doorbrengen’.

Sterke drank wordt - uiteraard - niet geschonken, maar de eigen bibliotheek biedt genoeg geestelijk voer. Inkomsten haalt de vereniging uit contributies en de verhuur van de bovenzaal, die op dat moment in grootte de derde van de stad is.

Het Tehuis

In 1925 wordt het gebouw enigszins uitgebreid, maar de grote verandering komt in de jaren dertig.

Vanuit OHZIDNHD wordt in 1936 de ‘vereniging tot exploitatie van het gebouw voor christelijke belangen Het Tehuis’ gevormd.

Voortaan is Het Tehuis een algemeen christelijk clubhuis, met naast ‘natuurlijke personen’ ook ‘rechtspersoonlijkheid bezittende verenigingen of corporaties’ als leden. In 1938 zorgt de nieuwe vereniging voor ongeveer een verdubbeling van het oppervlak van Het Tehuis. Het Groninger architectenduo Kuiler en Drewes bouwt een nieuwe grote zaal en nog een extra vleugel.

Groei

Het Tehuis ca 1930, links nummers 15 t/m 19 en rechts het pakhuis op nummer 11. Foto: H. Gzn. Venhuis [1785-0438] Het Tehuis ca 1930, links nummers 15 t/m 19 en rechts het pakhuis op nummer 11. Foto: H. Gzn. Venhuis [1785-0438]

Na de oorlog zet de groei door en verandert met name het aanzicht aan de Lutkenieuwstraat. In 1955 worden de oude huisjes nummer 15, 17 en 19 afgebroken en bij de door architect R. Offringa ontworpen nieuwbouw wordt de rooilijn teruggelegd.

Hoewel de christelijke organisaties en verenigingen eigenaar blijven, wordt de naam en het gebruik van het complex in de jaren zestig veralgemeniseerd.

Het Tehuis noemt zich vanaf 1966 congrescentrum en vijf jaar later ligt er een nieuwe bouwaanvraag.

Een in 1906-’07 in opdracht van ijzerhandel Izaak Gorter gebouwd pakhuis op nummer 11 gaat in 1971 tegen de vlakte, waardoor het congrescentrum in 1972 een nieuwe entree krijgt.

In de jaren tachtig vinden de laatste uitbreidingen plaats, waarbij de nummers 23, 25 en 27 worden toegevoegd.

Het einde nadert

Uiteindelijk telt het complex meer dan twintig zalen. Zelfs organisaties als de CPN en het COC houden er bijeenkomsten en de universiteit wordt een belangrijke gebruiker.
Het Tehuis draait elk jaar met winst en toch nadert het einde.

In de jaren negentig haakt de een na de andere christelijke organisatie af en uiteindelijk bestaat de ‘vereniging tot exploitatie van het congrescentrum Het Tehuis’ alleen nog uit vijf bestuursleden. Deze verkopen het complex in 2002 aan projectontwikkelaar Van Smeden en Partners BV.

Het in opdracht van Van Smeden door architectenbureau Karelse Van der Meer gemaakte bouwplan betekende in 2005 het einde van het ruim 112 jaar oude Tehuis.

Toneelpodium in zaal van congrescentrum "Het Tehuis". Foto: L. Houttuin [2138-2126] Toneelpodium in zaal van congrescentrum "Het Tehuis". Foto: L. Houttuin [2138-2126]